Posts Tagged ‘Engeland

28
Mrt
16

Globalisering van het geweld

 

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.54.54Toen ik eind jaren ’80 enkele maanden door Zuid-Amerika trok was het ergste scheldwoord wat je toegeslingerd kon krijgen ‘Gringo’, oftewel Amerikaan. Als ik dan vertelde dat ik uit Nederland kwam, was de glimlach tweeledig. Ik was geen gringo en ik kwam uit het land van Goelit, Ban Basten en natuurlijk Kroiff. Waarom had men zo’n hekel aan Amerikanen? Die bemoeiden zich overal ter wereld met de politieke gang van zaken. Vietnam was weliswaar al enige tijd geleden, maar in een land als Chili was Pinochet nog aan de macht. En iedereen wist of dacht dat de CIA hem daar had neergezet. De enkele ‘gringo’ die ik tegenkwam werd met achterdocht en enige minachting bekeken. Dat was overigens het enige. Hij hoefde niet voor zijn leven te vrezen. Wat is er op dit gebied veranderd tussen toen en nu?

 

West-Europa aan het eind van de 20e eeuw

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.55.59In landen waar groeperingen voor een bepaalde mate van onafhankelijkheid of autonomie streden, was het bijbehorende geweld redelijk lokaal. Als we naar West-Europa kijken, waar in veel landen ‘terroristen’ actief waren – sommige kranten putten zich uit om de huidige hoeveelheid slachtoffers in West-Europa te nuanceren door te wijzen op dit terroristische verleden – dan was dit geweld vaak beperkt tot het land waar het om draaide.

Het beroemdst waren de RAF (Rote Armee Fraktion) in Duitsland, De Rode Brigades in Italië, De ETA in Spanje en de IRA in Noord-Ierland. Al deze organisaties – waar toen overigens nog niet het etiket terroristisch op werd geplakt – waren vooral actief in eigen land en richten zich met name op het gezag daar.

De 48 slachtoffers van de RAF – vooral gezagsdragers – vielen bijna allemaal in Duitsland bij gerichte aanslagen. Een van de uitzonderingen was de Utrechtse agent Kranenburg die bij de arrestatie van het RAF-lid Knut Folkerts dodelijk werd getroffen.

De Rode Brigades maakten in Italië ongeveer 75 slachtoffers, meest gezagsdragers. Een enkele keer kwamen burgers om het leven als bijvoorbeeld een bank werd overvallen om aan geld voor hun acties te komen. De grote uitzondering in Italië was de aanslag in 1980 op het treinstation in Bologna waarbij 85 burgers het leven lieten. Deze aanslag was overigens niet het werk van de Rode Brigades, maar van een extreem rechtse groepering.

In Spanje maakte de ETA fors meer slachtoffers. De meeste aanslagen vonden ook hier in eigen land plaats, met een enkel uitstapje naar Frans Baskenland – maar waren niet altijd gericht op de gezagsdragers. In 1987 bijvoorbeeld kwamen er bij een aanslag op een supermarkt in Barcelona 23 mensen om het leven, voornamelijk burgers. In totaal vielen er in de halve eeuw strijd meer dan 800 dodelijke slachtoffers te betreuren.

Het beroemdst, beruchtst en dodelijkst was in West-Europa de strijd van de katholieke IRA in het door de protestanten geregeerde Noord-Ierland. Tijdens de zogenaamde ‘Troubles’ vielen tot 1998 toen het Goede Vrijdag-akkoord werd gesloten, ongeveer 3500 slachtoffers te betreuren. Niet alle slachtoffers staan overigens op naam van de IRA, dat zijn er ongeveer 1770. De aanslagen van de IRA wijken op het oog erg af van de bovengenoemde groeperingen. Er werden vaker burgers slachtoffer van een bomaanslag. Pubs en restaurants waar militairen kwamen, maar nog meer burgers, waren enkele keren het doelwit. Bijna de helft van de slachtoffers van de IRA – bijna 650 – was burger. En de aanslagen beperkten zich niet tot Noord-Ierland. Regelmatig worden ook de grote Engelse steden opgeschrikt door een aanslag. Al moet wel worden gezegd dat het de IRA natuurlijk ging om afscheiding van Londen en dus hoorde Engeland ook bij de vijand. En de aanslagen gingen soms gepaard van een telefonische waarschuwing vooraf. Een van de weinige uitzonderingen vond ook hier in Nederland plaats. In 1990 werden in Roermond twee Australische toeristen door de IRA vermoord. Later bleek het hier om een misverstand te gaan. De IRA dacht dat het hier om Britse militairen ging, die in Duitsland waren gelegerd en in Roermond sigaretten kwamen kopen.

 

West-Europa in de 21e eeuw

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.57.44In de 21e eeuw verandert het terroristisch geweld. Tweeëneenhalf jaar na 9/11 vinden op 11/03 2004 de aanslagen op de treinen in Madrid plaats. Hierbij vallen 191 slachtoffers, allemaal burgers. Een jaar later is het raak in Londen. Bij aanslagen op de metro en een bus vallen op 7/7 2005 52 slachtoffers, weer allemaal burgers. 22/7 2011 is Noorwegen het toneel van de bloedigste aanslag uit haar geschiedenis. In totaal vallen er 77 slachtoffers – allemaal burgers – waaronder 69 jongeren op het socialistische eiland Utøya. Op 13/12/11 vallen in Luik 5 doden, allemaal burgers, als een terrorist bij een bushalte om zich heen schiet en enkele granaten gooit. Tussen 11/3 en 22/3 2012 vinden bij verschillende schietpartijen in en in de buurt van Toulouse 7 mensen, allemaal burgers, de dood. Op 24/5 2014 vinden 4 mensen – allemaal burgers – de dood bij een schietpartij bij het Joods Museum in Brussel. In 2015 is Parijs het decor van twee bloedige aanslagen. Op 7 januari wordt de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo bestormd en vallen er 12 slachtoffers, bijna allemaal burgers. Twee dagen later vinden bij een gijzeling van een Joodse supermarkt in Parijs nog eens 4 mensen, allemaal burgers, de dood. Ruim 10 maanden later, op vrijdag de 13e november worden bij verschillende aanslagen 129 mensen, allemaal burgers, gedood. De meeste slachtoffers vallen in de concertzaal Bataclan. Negentachtig, vooral jeugdige concertbezoekers, worden hier neergeschoten. En vorige week, 21 maart 2016, waren daar de aanslagen in Brussel waarbij meer dan 30 slachtoffers vielen, allemaal burgers.

 

Burgers zonder grenzen

Schermafbeelding 2016-03-28 om 15.01.11Wat opvalt aan de rij aanslagen die de eerste 15 jaar van de 21e eeuw West-Europa teisterden, is dat er voornamelijk burgerslachtoffers vielen. De meeste slachtoffers in de tweede helft van de 20e eeuw waren nog gezagsdragers. Voor de daders kwamen de burgers toch te dichtbij, het slachtoffer zou je buurman kunnen zijn. Dit wierp waarschijnlijk een morele drempel op. Vandaag de dag zijn de slachtoffers veel anoniemer. Ook als het zoals in Parijs en Brussel gewoon Fransen en Belgen zijn die de aanslagen plegen, dan zorgen de cultuurverschillen voor genoeg distantie om het slachtoffer anoniem te laten blijven. Net zo anoniem als hun cultuurgenoten die door de westerse drones vanuit het niets worden getroffen.

Alleen al door het hoge percentage burgerslachtoffers komen de recente aanslagen dichterbij. Die burger, dan kan ook jij of ik zijn. Dat gevoel geldt in een land als Nederland wel iets sterker dan in bijvoorbeeld Engeland waar de IRA nog redelijk recent actief was.

En waren België en Frankrijk vroeger nog buitenlanden. Met het wegvallen van de grenzen dankzij Schengen zijn Brussel en Parijs een stuk dichterbij gekomen. We vliegen net zo makkelijk van Zavetem als van Schiphol en voor een vrijgezellenavond is Parijs allang niet meer zo bijzonder.

Een ander belangrijk verschil is de aard van het terrorisme. Zochten de RAF en de Rode Brigades, maar ook de Tamil Tijgers en Tjetsjenen vroeger hun slachtoffers in eigen land of regio. De laatste decennia zijn ook die grenzen gaan vervagen. Het terrorisme zoekt haar slachtoffers in de landen die in hun ogen de veroorzakers van hun ellende zijn. Waren tot ver in de jaren ’80 en ’90 vaak nog alleen de gringo’s uit Verenigde Staten de oorzaak van veel ellende. Na de Golfoorlogen en Afghanistan horen wij Europeanen daar ook bij.

 

Grenzen aan de globalisering

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.59.44De bovengenoemde globalisering heeft wel zijn grenzen. Wanneer er bommen ontploffen in Beiroet, Ankara, Istanbul of Lahore dan is dat toch verder van ons bed. Er komen hier dan geen extra nieuwsberichten, aangepaste Facebook-profielen of protestdemonstraties. Hoe komt dat? Omdat we sneller een concertje pikken in Parijs dan in Beiroet? Omdat we niet het leed van de hele wereld op onze schouders kunnen nemen? Omdat het daar mensen zijn met een ander geloof dan hier in West-Europa? Omdat de Pakistaan, Turk of Libanees toch minder familie is dan de Belg of de Fransman? Ik vrees dat dat laatste zeker een belangrijke rol speelt.

 

Ik ben trouwens wel benieuwd hoe het nu in Zuid-Amerika is. Zijn de West-Europeanen daar nu ook de gringo’s? Ik denk het eigenlijk niet.

 

 

  1. Het betreft hier een beperkte observatie. Ik heb niet gekeken naar de complexe politieke veranderingen tussen 1989 en nu. Ik laat ook de – deels mislukte – integratie van de gastarbeiders in Europa achterwege. Ik probeer het groter te zien. Op het niveau van de globaliserende wereld waarin wij nu leven. Was in 1989 een reis naar Zuid-Amerika nog voor de jeugd met weinig geld en veel tijd. Vandaag gaat men met groot gemak voor een paar weekjes naar de andere kant van de wereld. Dit alles dankzij de toegenomen welvaart. Maar dus wel met een bijzonder prijskaartje.
Advertenties
22
Jul
14

De Tour van 1914. Een eerbetoon in 15 etappes, deel 13

13e etappe  Belfort – Longwy over 325 km (22 juli 1914)

13e et nieuws 2Poincaré is nog in Rusland en twee zaken worden duidelijk. Een verbond van Rusland, Frankrijk en Duitsland is onmogelijk en de legers van Frankrijk en Rusland zullen in 1916 “een verpletterende meerderheid boven alle Europeesche legers geven.” Dit staat te lezen in het Rotterdams Nieuwsblad van 21 juli 1914. Deze stevige taal is een reactie op de uitbreiding van het Duitse leger. De Tsaar probeert er nog wel een vredelievende draai aan te geven door te zeggen: “Wij willen sterk genoeg zijn, om tot vrede te kunnen dwingen.”  In het Nieuwsblad van het Noorden lezen we dat in de Russische media het idee ontstaat dat Rusland zich door Frankrijk niet moet laten 13e et nieuws1meeslepen in een eventuele oorlog. In de Nieuwe Rotterdamse Courant lezen we dat de Russen ook weinig vertrouwen hebben in Engeland als betrouwbare partner in de Triple Entente. Dat klopt misschien wel met wat we in het Rotterdam Nieuwsblad lezen. Lloyd George van Engeland slaat ook nog steeds geen oorlogstaal uit als hij zegt: “Vrede is voor ons van ‘t hoogste belang.”

13e et nieuws 3In het Nieuwsblad van het Noorden van 22 juli lezen we dat er geruchten zijn dat Oostenrijk-Hongarije een ultimatum voorbereid. Daar staat ook dat een oorlog met Servië in Oostenrijk-Hongarije populair zal zijn. Terwijl Servië volgens de krant geen oorlog zal aandurven en alleen als het wordt aangevallen zich zal verdedigen. Tevens zegt de krant dat alles afhangt van Oostenrijk-Hongarije. Zullen zij terugschrikken van het dreigement van de Russen dat zij Servië steunen in het geval van een aanval? Volgens de krant hangt dat sterk af van de eensgezindheid van de Triple Entente. Gezien die berichten hierboven is die eensgezindheid nog ver te zoeken. Komt een oorlog dan toch dichterbij? De Tour trekt zich er nog weinig van aan. De rennerskaravaan trekt vandaag Elzas-Lotharingen binnen. Al gaat dat wel anders dan vroeger. De renners worden begeleid door soldaten te fiets.

De winnaars

De start en finish zijn vandaag in Frankrijk, maar het grootste deel van de rit van vandaag gaat door betwist gebied. In ieder geval betwist door Frankrijk. Sinds de oorlog tussen Duitsland en Frankrijk van 1870-1871 is Elzas-Lotharingen Duits. Dit is een doorn in het oog van Frankrijk en staat een eventuele dialoog tussen beide landen danig in de weg.

13e et faber_f4Van de Tour-winnaar van 1909, Francois Faber was tot op vandaag weinig vernomen. Bij de start staat hij op een tiende plaats en zijn achterstand op Philippe Thys bedraagt maar liefst ruim zes uur. Als hij na 114 kilometer fietsen wegspringt, laten de leiders hem gaan. Ook omdat het nog  meer dan tweehonderd kilometer fietsen is. Faber bouwt zijn voorsprong gestaag uit en niets lijkt een etappezege vlakbij de grens met Luxemburg, zijn vaderland, nog in de weg te staan. Het laatste uur lijkt het toch nog mis te gaan. Zigzaggend gaat hij over de weg. Iemand zal later zeggen: “Hij leek wel stomdronken*.” Met nog tien kilometer te gaan botst hij tot overmaat van ramp ook nog eens tegen een auto. Met heel veel moeite staat hij weer op en rijdt verder. Wonder boven wonder komt hij toch nog als eerste over de streep in Longwy. Een groep van tien achtervolgers met daarin de favorieten volgt op ruim zes minuten. De grootste belager van Thys, Henri Pelissier wint de sprint van dit groepje. Met nog twee etappes te rijden lijkt niets de eindzege van Thys meer in de weg te staan.

De verliezers

13e et faber_f3Francois Faber beschouwt Frankrijk zijn hele leven als zijn tweede vaderland. Hij heeft een Luxemburgse vader en daardoor de Luxemburge nationaliteit, maar hij wordt op 26 januari 1887 in het Franse Aulnay-sur-Iton, ten westen van Parijs geboren. Door zijn overwinning in de Tour de France van 1909 is hij desalniettemin de eerste niet-Franse winnaar van de Ronde. Faber start in alle Tours tussen 1906 en 1914. Daarin wint hij in totaal maar liefst 19 etappes. Hij is nog steeds recordhouder met vijf etappezeges op rij in de door hem gewonnen Tour van 1909. Het jaar ervoor en erna wordt hij ook nog eens knap tweede. In zijn laatste Tour de France komt hij als negende in Parijs aan. Ook wint hij nog een handvol klassiekers. In 1908 wint hij de Ronde van Lombardije. In 1909 wint hij Parijs – Brussel en Parijs – Tours, een koers die hij ook in 1910 weet te winnen. In 1913 wint hij misschien wel zijn mooiste klassieker, Parijs – Roubaix. Nog onwetend dat hij twee jaar later in dezelfde omgeving zijn leven geeft voor zijn tweede vaderland.

13e et carencyOmdat Faber Luxemburger is kan hij geen dienst nemen in het Franse leger. Daarom meldt hij zich op 22 augustus 1914 bij het Franse Vreemdelingenlegioen. Hij komt hier bij het 2e regiment de Marche van het . In het voorjaar van 1915 is hij gelegerd nabij Carency. Hier wordt tussen 9 mei en 18 juni de Tweede Slag van Artois uitgevochten. Naast Franse divisies, vechten hier ook enkele Britse divisies tegen in totaal 18 Duitse divisies. Het doel van deze slag is tweeledig. Aan de ene kant willen de Fransen en Britten enkele strategische bergruggen op de Duitsers heroveren. Deze ruggen zijn vooral van strategisch belang. Daarnaast is het de bedoeling om Duitse troepen weg te trekken 14e et francesmachineuit Ieper waar een paar weken eerder de Tweede Slag van Ieper is begonnen. De Duitsers dreigen daar door te breken en op deze manier moeten de Franse, Britse en Belgische troepen daar meer lucht krijgen. De strijd gaat heen en weer en terreinwinst moet soms een paar dagen later alweer worden opgegeven. De tol wordt vooral betaald met mensenlevens. Aan beide zijden sneuvelen in totaal bijna 200.000 man. Een van hen is Francois Faber. Over zijn overlijden op 9 mei 1915 doen twee verhalen de ronde. Het eerste is een romantisch verhaal waarbij hij door een sluipschutter wordt getroffen op het moment dat hij een telegram krijgt waarin staat dat hij vader is geworden van een dochter. Het ander verhaal past meer bij de werkelijkheid van de oorlog. Daarin wordt hij  dodelijk getroffen door vijandelijk vuur op het moment dat hij een gewonde collega uit het niemandsland probeert terug te brengen naar hun loopgraven.

 

* Het is in die tijd heel gebruikelijk om alcohol te gebruiken als pijnstiller. Het is goed mogelijk dat Faber ergens een pijntje had en een iets te hoge dosis pijnstiller heeft genomen.

 

Ik heb heel veel gehad aan:

de site Renners in de Grote Oorlog

het boek: The Shattered Peloton: The devastating impact of world War I on the Tour de France (Graham Healy)

16
Jul
14

De Tour van 1914. Een eerbetoon in 15 etappes, deel 9

9e etappe  – Marseille – Nice over 338 km (14 juli 1914)

9e et nieuwsHet woord oorlog wordt steeds vaker genoemd. Zo lezen we in de Nieuws van den Dag voor Nederlandsch-Indië dat volgens sir Edward Grey de minister van Buitenlandse zaken van Engeland zijn land de vrijheid heeft om zelf te beslissen of het aan een of andere oorlog in Europa deelneemt en zich niet door bijvoorbeeld een vlootovereenkomst met Rusland wil laten dwingen. Ondertussen worden onderhandelingen tussen Wenen en Berlijn, als tegenwicht tegen de Triple Entente als fabels afgedaan. Waarschijnlijk om de gedachte aan een komende oorlog ver weg te drukken. Onderhandelingen die er waarschijnlijk wel waren. Zo worden de Duitse financiële maatregelen met het oog op een oorlog afgedaan als een canard. Weliswaar met een vraagteken, maar toch. Of het verhaal van de door Oostenrijk-Hongarije vergiftigde Russische gezant in Belgrado. Dit staat onder de kop ‘Dwaze geruchten.’ Ondertussen staan er allemaal kleine berichtjes over legeroefeningen aan zowel Duitse als Franse kant waarbij slachtoffers vallen. Zoals bij het Fort van Vitry ten zuiden van Parijs waar geoefend werd in het tot ontploffing brengen van onderaardse mijnen. Een veel gebruikte aanvalstactiek tijdens de loopgravenoorlog in de Eerste Wereldoorlog. Aan de andere kant deelt de Britse premier Asquith mee dat het lagerhuis in augustus op reces gaat. Het is duidelijk dat op het continent de spanningen toenemen en dat Engeland zich nog afzijdig probeert te houden.

De winnaars

9e et brocco_mauriceDe hitte weet ook op quatorze juilliet niet van wijken. De renners hebben het gevoel alsof een warme handschoen ze tegenhoudt en hen het fietsen onmogelijk maakt. Na een tiental kilometers besluit het peloton, op dat nog bestaand uit 69 renners, halt te houden om de verkoeling van de zee op te zoeken. Na deze onderbreking zijn de renners in ieder geval weer in staat tot enige strijd. Even denkt de Fransman Maurice Brocco* als eerste in Nice aan te komen. Maar hij onderschat de heuvel La Turbie vlak boven Monaco. 9e et rossius_jDeze laatste hobbel voor aankomst in Nice is in deze hitte teveel voor hem. Met de fiets aan de hand wandelt hij omhoog. Machteloos moet hij toezien hoe zijn achtervolgers hem een voor een inhalen. Als eerste is daar de Belg Jean Rossius. Hij wint de etappe met een voorsprong van ruim zeven minuten op het duo Thys – Pelissier. De nummers 1 en 2 uit het klassement houden elkaar de hele etappe nauwlettend in de gaten en gunnen de ander geen meter winst. Rossius is nu opgerukt naar de derde plaats. Brocco komt uiteindelijk op bijna een uur achterstand als 20e over de finish.

De verliezers

La Turbie is voor nog een andere renner niet genadig. Marcel Buysse, de oudere broer van de latere Tourwinnaar Lucien Buysse, wordt in de afdaling door een motorrijder aangereden en moet naar het ziekenhuis.

9e et petit-breton_l3Een andere, veel bekender renner die vandaag dag opgeeft is Lucien Petit-Breton. Hij rijdt wel de etappe uit, maar hoort daar dat zijn moeder is overleden en vertrekt direct naar huis. Zijn naam komt ook niet meer in de uitslag van de dag voor. Hij wordt op 18 oktober 1882 als Lucien Georges Mazan in het Bretonse Plessé geboren. Op 8-jarige leeftijd vertrekt hij met zijn ouders naar Buenos Aires, Argentinië. Als hij op zijn 16e bij een loterij een fiets wint, blijkt hij aanleg voor het fietsen te hebben. Aanvankelijk is hij vooral een baanwielrenner. Hierover krijgt hij slaande ruzie met zijn vader die wil dat hij een ‘echt’ beroep kiest. Lucien schrijft zich daarop bij de wielerbond in als Lucien Breton oftewel Lucien uit Bretagne. Hier plakt hij later nog Petit aan vast omdat er nog een renner met de naam Breton rondrijdt. Zijn talent als wielrenner blijkt al snel en hij wordt zelfs Kampioen van Argentinië. In 1902 keert hij terug naar Frankrijk omdat hij zijn dienstplicht moet vervullen. Hier komt hij erachter dat hij ook op de weg prima mee komt met de besten. In 1905 wordt hij in zijn eerste Tour de France al 5e. Een jaar later doet hij het een plaatsje beter in in 1907 wint hij de Ronde van Frankrijk. In 9e et petit-breton_l61908 weet hij dit te herhalen en is hij de eerste renner die de Tour de France twee keer op zijn naam schrijft. Ook weet hij in die jaren enkele klassiekers op zijn naam te schrijven. In 1906 wint hij Parijs – Tours en in zijn topjaar 1907 wint hij Milaan-San Remo. Het lijkt net alsof hij daarna niet meer de motivatie op kan brengen om voor het hoogste te gaan. Tussen 1910 en 1914 start hij vijf keer in de Tour de France en twee keer in de Giro d’Italia. Geen enkele daarvan weet hij uit te rijden. Alleen in de Giro van 1911 slaagt hij erin een etappe te winnen. In 1912 is een derde plaats in Parijs – Tours zijn laatste echte wapenfeit. Als de oorlog zich aandient neemt Petit-Breton dienst bij het 11e legerkorps. Hij vecht op verschillende plekken in Noord-Frankrijk aan het front. Hier raakt hij meerdere keren gewond. Cynisch genoeg sneuvelt hij niet in het gevecht. Op 20 december 1917 rijdt hij als ordonnans vlak buiten Troyes met zijn auto frontaal op een tegenligger. Lucien Petit-Breton is op slag dood.

*Brocco was in 1911 na de 9e etappe uit de koers gehaald omdat hij niet voor zichzelf reed, maar tegen betaling hand- en spandiensten verrichtte voor andere renners. Henri Desgrange, die de Tour als een strijd van man tegen man zag, kon dit niet aanzien en haalde Brocco uit koers. Hij ging nog wel in beroep en mocht, hangende dit beroep, de 10 etappe nog wel van start. Met overmacht won hij deze etappe. Maar die avond werd zijn beroep alsnog afgewezen en moest hij de Tour alsnog verlaten. De etappewinst werd hem ook afgenomen.

 

Ik heb heel veel gehad aan:

de site Renners in de Grote Oorlog

het boek: The Shattered Peloton: The devastating impact of world War I on the Tour de France (Graham Healy)

14
Jul
14

De Tour van 1914. Een eerbetoon in 15 etappes, deel 7

7e etappe Luchon – Perpignan over 323 km (10 juli 1914)

et 7 servenDe hitte die de renners in de Tour teistert, zegt nog niet veel over de oplopende temperatuur in Europa. Nu de kroonprins en zijn vrouw zijn begraven beginnen de onderzoeken naar de moord. Wie zitten hier achter? In hoeverre is Belgrado en dus Servië verantwoordelijk? Een Duitse krant weet te melden, lezen wij in de Nieuwe Tilburgsche Courant, dat alle beschaafde staten tegen een groot Servendom zijn. Want dat is schadelijk voor de ‘Europeesche vrede.’ Opmerkelijk dat in dit verband wel Engeland, maar niet Frankrijk en Rusland worden genoemd. In diezelfde Nieuwe Tilburgsche Courant lezen we dat de Weense correspondent van de Echo de Paris weet te melden dat Oostenrijk-Hongarije geen oorlogszuchtige bedoelingen heeft. Maar de oorlog die onvermijdelijk gaat komen is soms toch al iets zichtbaarder. In het Bataviaasch Nieuwsblad staat dat de Russische landweeroefeningen en proefmobilisaties in Oostenrijk worden gezien als een poging om ‘Servië in den rug te dekken.’ Iets verderop lezen we dat in Berlijn Servische studenten zijn aangehouden met revolutionaire geschriften. De renners in de Tour maken zich voorlopig alleen nog maar druk of ze genoeg te drinken hebben onderweg.

De winnaars

7e et alavoine_j6De blijdschap van Henri Desgrange duurde helaas slechts één dag. Ondanks bergen als de Col de Portet d’Aspet en de Col de Puymorens vonden de toppers het te heet om elkaar het vuur te na aan de schenen te leggen. De top drie komt in een groepje van vijf over de finish in Perpignan. De etappe wordt gewonnen door Jean Alavoine, de oudere en succesvollere broer van de al eerder gememoreerde Henri Alavoine. Hij stond in de Tour van 1909 al op het podium, door als derde in Parijs aan te komen. Ook dit jaar wordt hij derde. Na de oorlog, waarin hij dus zijn broer verliest, wordt hij zelfs nog twee keer – in 1919 en 1922 – tweede. Beide keren achter de Belg Firmin Lambot. Wat betreft etappezeges in de Tour de France staat hij op de achtste plaats aller tijden met maar liefst 17 overwinningen. In 1920 waagt hij zich zelfs de grens over naar Italië en wordt 3e in de Giro van dat jaar, waarin hij ook een etappe pakt. Achter Alavoine wordt Marcel Buysse vandaag tweede. De Belg is ook iemand om rekening mee te houden, want vorig jaar werd hij in zijn tweede Tour derde, nadat hij een jaar eerder bij zijn debuut gelijk vierde was geworden. Al had hij gisteren bijna  veertig minuten moeten toegeven op de aanvoerder van de ranglijst, Philippe Thys die vandaag derde wordt. De top vijf wordt gecomplementeerd met de verliezers van gisteren, Henri Pelissier en Jean Rossius.

De verliezers

7e et Guyon 640px-Monument_AnnemasseOp iets meer dan een uur komt vandaag de Zwitser Emile Guyon als 24e binnen. Als tweedejaars prof rijdt hij dit jaar zijn eerste Tour de France. Naarmate de Tour vordert lijkt hij steeds beter te gaan rijden. Hij komt uiteindelijk als 43e op bijna 31 uur achterstand in Parijs aan. Hoewel hij uit het neutrale Zwitserland komt, meldt hij zich aan het begin van de oorlog als vrijwilliger aan. Waarschijnlijk is hij bevriend met collega Henri Alavoine. Hij wordt ook piloot bij de ‘1e groupe Aviation MPLF’. En net als Henri Alavoine stort hij neer in de buurt van Pau. Ruim twee jaar later, slechts twee maanden voor het einde van de oorlog, overlijdt Emile Guyon in de rang van korporaal op 6 september 1918 als ook zijn vliegtuig neerstort.

 

 

 

Ik heb heel veel gehad aan:

de site Renners in de Grote Oorlog

het boek: The Shattered Peloton: The devastating impact of world War I on the Tour de France (Graham Healy)

 

09
Apr
12

The Foggy Dew – o.a Sinead O’Connor & The Chieftains

The Foggy Dew

As down the glen one Easter morn to a city fair rode I 

There Armed lines of marching men in squadrons passed me by 

No fife did hum nor battle drum did sound it’s dread tatoo 

But the Angelus bell o’er the Liffey swell rang out through the foggy dew 

Right proudly high over Dublin Town they hung out the flag of war 

‘Twas better to die ‘neath an Irish sky than at Sulva or Sud El Bar 

And from the plains of Royal Meath strong men came hurrying through 

While Britannia’s Huns, with their long range guns sailed in through the foggy dew 

‘Twas Britannia bade our Wild Geese go that small nations might be free 

But their lonely graves are by Sulva’s waves or the shore of the Great North Sea 

Oh, had they died by Pearse’s side or fought with Cathal Brugha 

Their names we will keep where the fenians sleep ‘neath the shroud of the foggy dew 

But the bravest fell, and the requiem bell rang mournfully and clear 

For those who died that Eastertide in the springing of the year 

And the world did gaze, in deep amaze, at those fearless men, but few 

Who bore the fight that freedom’s light might shine through the foggy dew 

Ah, back through the glen I rode again and my heart with grief was sore 

For I parted then with valiant men whom I never shall see more 

But to and fro in my dreams I go and I’d kneel and pray for you, 

For slavery fled, O glorious dead, When you fell in the foggy dew.

 DE PAASOPSTAND

Ierland is het meest katholieke land van West-Europa. Dat zien we helaas ook terug in hun bloedige geschiedenis waarin katholieke feestdagen figureren. Bloody Sunday is misschien wel het beroemdst. Ierland heeft er maar liefst drie van. Het keerpunt in haar geschiedenis heeft dan ook de mooiste naam van allemaal, de Paasopstand.

De strijd voor onafhankelijkheid van het groene, katholieke eiland, dat al eeuwen duurde bereikte een voorlopig hoogtepunt tijdens Pasen 1916. De Ieren zien deze opstand graag als een heroïsche strijd tegen de bezetter. Volgen veel historici was er geen sprake van een revolutie maar van een bloedoffer. Een mooiere parallel is haast niet denkbaar op Pasen.

De Paasopstand was op voorhand tot mislukken gedoemd. Op tweede paasdag, 24 april 1916 bezetten de aanhangers van twee groepen Ierse rebellen terwijl de klok het angelus luidde, belangrijke plekken in het centrum van Dublin. Het ging hier om ongeveer 800 man van de Irish Volunteers onder leiding van Patrick Pearse en onder andere Cathal Brugha aangevuld met 250 man van het Irish Citizen Army van James Connoly en nog eens 200 vrouwelijke leden van Cumann na mBan. Vanuit hun hoofdkwartier, het Hoofdpostkantoor (GPO) riepen zij in de Proclamation de onafhankelijke Ierse Republiek uit.

Het antwoord van de Britten was duidelijk. Hoewel de loopgravenoorlog in Noord-Frankrijk en België in volle gang was, werden bijna 5000 militairen naar Dublin gestuurd. Gesteund door 1000 agenten werd de opstand met geweld neergeslagen. Mitrailleurs, geschut op gepantserde wagens en gewoon geweervuur, ook nog een geholpen door vuursteun vanaf Britse oorlogsbodems op de Ierse Zee, bestookten de opstandelingen in het Hoofdpostkantoor onophoudelijk. Een kleine week en honderden doden later was de opstand dan ook al ten einde. De hoofdrolspelers kwamen voor de krijgsraad en werden in mei van hetzelfde jaar al geexecuteerd. Een van de weinige leiders die het vuurpeloton bespaard was gebleven was Eamon de Valera. Hij had het geluk dat hij officieel een Amerikaans staatsburger was. Om de relatie met de VS niet te schaden, Groot-Brittannië hoopte op deelname van haar voormalige kolonie aan de Eerste Wereldoorlog, werd zijn doodstraf omgezet in een levenslange gevangenisstraf. Al in 1917 kwam hij vrij.

De Valera werd leider van Sinn Fein. Deze van oorsprong monarchistische partij was omgevormd in een republikeinse partij omdat na de mislukte Paasopstand veel opstandelingen lid werden van de partij. Van de oude Sinn Fein was weinig meer over. Deze ‘nieuwe’ Sinn Fein won ik 1918 met overmacht de verkiezingen en de Valera richtte een Iers parlement, Dail Eirann op. Toen deze in 1919 illegaal werd verklaard door de Britten begon de Ierse Burgeroorlog. Dit ontaardde in een meedogenloze oog-om-oog en tand-om-tand strijd. Elke actie van de Ieren werd gewroken door de Britten. Zij hadden daarvoor speciale troepen, The-Black-and-Tans naar Ierland gestuurd. Berucht geworden is Bloody Sunday op 21 november 1920.

De Ieren onder leiding van Michael Collins, die de plaatsvervangend bevelhebber was van de Ieren omdat de Valera in de VS was om geld voor de strijd in te zamelen, doodden die dag 14 Britten. Als wraakactie trokken de Black-and-Tans naar Croke Park. Tijdens de Gaelic Football wedstrijd die bezig was, vuurden zij op spelers en publiek. Een speler, Michael Hogan en dertien toeschouwers vonden de dood. Meedere Bloody Sundays zouden nog volgen in Ierland.

In 1921 werd er een bestand gesloten. In plaats van zelf naar Londen te gaan, stuurde De Valera zijn rechterhand Michael Collins om te onderhandelen over autonomie en onafhankelijkheid. Het resultaat was een verdeeld Ierland. Het zuidelijke deel werd eerst een Vrijstaat (en pas veel later de Republiek Ierland (1949)). Het noordelijke deel (Ulster) bleef onderdeel van het Verenigd Koninkrijk. Sinn Fein raakte hierdoor zo verdeeld dat er een afsplitsing plaatsvond. Michael Collins werd al een verrader in een hinderlaag vermoord. De afgesplitste partij, Fainna Fail onder leiding van de Valera is sindsdien de leidende partij in Ierland. In beide Ierlanden (Vrijstaat en Republiek) was De Valera korte en langere tijd president. Sinn Fein werd een onbetekenende partij en kwam pas weer in beeld tijdens de ‘Troubles’ in Noord-Ierland als vermeende politieke tak van de IRA. Uit de nalatenschap van Michael Collins zou in 1933 de tweede politieke partij van Ierland, Fine Gail worden opgericht.

Er is gelukkig ook een katholieke feestdag met een positieve annotatie in de Ierse geschiedenis. Op 10 april 1998 werd het Goede Vrijdag-akkoord gesloten. Een staakt het vuren van de strijdende partijen in Noord-Ierland dat een einde moest maken aan eeuwen strijd. De IRA en ook Sinn Fein zouden vanaf dat moment trachten via onderhandelen het Zuiden en het Noorden te herenigen.

Met dank aan @RobStolze voor de keuze van Foggy Dew.

Andere songs over de Paasopstand:

Rebel Heart – The Corrs (dank aan velen)

The Boys of the Old Brigade – Wolf Tones 

Oro Se Do Bheatha Bhaile – Sinead O’Conner, (dank aan @rjkoopmans)

Rifles of the I.R.A. – Wolfe Tones. (dank aan @rjkoopmans)

Black 47 – The Big Fellah (dank aan @deereszet)

Michael Collins – Wolfe Tones (dank aan @deereszet)

Andere versies van Foggy Dew:

DublinersClancy BrothersWolfe Tones en Luke Kelly

26
Mrt
12

Het Tapijt van Bayeux (± 1070)

Afbeelding

Afbeelding

Tapijt van Bayeux

1997. Het is nog winter en kraakhelder. Van de haven fietsen wij over Terschelling naar de boerderij waar wij met enkele vrienden het weekend zullen doorbrengen. De waddeneilanden zijn in ons vrijwel overal overbelichte land de plek om naar de sterren te kijken. Tijdens de fietstocht kijk ik dan ook geregeld omhoog. Ik ben verbaasd als ik een ster zie met ‘iets eraan’. Even twijfel ik aan mijn bril, maar als ik mijn reisgenoten op de ster attent maak, weet één van hen mij te melden dat dit de komeet van Hale-Bopp is. Die ochtend heeft er een uitgebreid artikel in de krant over gestaan. Maandenlang kijk is elke heldere avond omhoog. De ster met ‘iets eraan’ is een vertrouwd beeld geworden.

Een paar maanden later loop ik met diezelfde vrienden langs het immense tapijt van Bayeux. In eerste instantie vond ik de hoogte wel iets tegenvallen. In mijn gedachten was het tapijt meters hoog, maar het is vooral de lengte van 70 meter die het imposant maakt. Het tapijt verhaalt in allemaal kleine vertellingen het grote verhaal van de verovering van Engeland door Willem de Veroveraar in 1066. Halverwege is er duidelijk een ‘ster met een staart’ zichtbaar. Dit is vrijwel zeker de ‘Komeet van Halley, waarvan later is komen vast te staan dat deze elke 76 jaar terugkeert.* In die tijd werden kometen gezien als slechte voortekens. Natuurrampen, hongersnoden en onrust werden vaak toegeschreven aan de staartster die kort daarvoor aan de hemel was verschenen. In dit geval was er ook sprake van een slecht voorteken, voor de Engelsen tenminste. Het zou de laatste keer worden dat een invasie van de Britse eilanden succes had.**

Het tapijt is waarschijnlijk vrij kort na de verovering van Engeland vervaardigd. Sommige bronnen noemen de hofhouding rond bisschop Odo. De halfbroer van William was graaf van Kent en regeerde in naam van William als deze niet in het land was. Anderen spreken van Koningin Mathilda, de vrouw van William. In Frankrijk staat het tapijt ook wel bekend als ‘La Tapisserie de la Reine Mathilde.’ Hoe dan ook zullen beiden niet zelf met de gekleurde wol in de weer zijn geweest. In beide gevallen zijn het vast en zeker kundige handwerkslieden geweest waarvan de namen voor altijd in de mist van de cultuurhistorie verborgen zullen blijven.

In de eeuwen daarna lag het tapijt meestal keurig opgeborgen om af en toe te worden tentoongesteld. Tijdens de jaren na de Franse Revolutie van 1789 dreigde het verloren te gaan toen het door het volk werd gebruikt als kleed om militaire wagens mee af te dekken. Later gebruikte Napoleon het nog als propagandamiddel bij zijn geplande invasie van Engeland. Toen hij daarvan afzag, keerde het tapijt terug naar Bayeux. In de Tweede Wereldoorlog was het weliswaar veilig opgeborgen, maar vlak voor de bevrijding van Parijs wilde Himmler het tapijt nog veilig opbergen door het naar Berlijn te brengen. Gelukkig is dat nooit gebeurd. Eind 1945 is het na een korte tentoonstelling in het Louvre teruggekeerd naar Bayeux. Daar hangt het sindsdien in het Musée de la Tapisserie de Bayeux.

* Mark Twain werd geboren twee weken nadat de komeet van Halley in november 1835 was verschenen. Later zou hij zeggen dat hij teleurgesteld zou zijn als hij niet tegelijk met de Komeet van Halley de aarde zou verlaten, want hij was ook met haar gekomen. Op 21 april 1910, een dag voordat de komeet dat jaar de aarde het dichtst genaderd zou zijn, overleed Mark Twain aan een hartaanval.

** Volgens sommige puristen is de tocht van Willem III in 1688 naar Engeland de laatste echt geslaagde invasie. Dankzij de ‘Glorious Revolution’ werd ‘onze’ stadhouder Willem III koning van Engeland, Schotland en Ierland, nadat hij koning Jacobus had verjaagd.

PS. hieronder een leuk filmpje. Met dank aan @Touaregtweet

02
Okt
11

De Burgers van Calais – Auguste Rodin (1888) Kunsttweet 17

Een van de eerste beelden dat ik ging waarderen als kunstwerk was een beeld van de naamgever van mijn middelbare school. Dit niet zo grote beeld stond daar op een sokkel in de hal van het A. Roland Holst Collega in Hilversum. Ik kwam er pas jaren later achter dat het een beeld was van Charlotte van Pallandt. Dezelfde beeldhouwster die ook het beroemde beeld van Koningin Wilhelmina heeft gemaakt. Het gerucht gaat dat zij ook les heeft gegeven aan de jonge Prinses Beatrix. Dat zou dan weer terug te zien zijn in haar beeld ‘Jantje Beton’. Zei het heel vaag. Wat mij vooral aansprak in het beeld, was de ruwheid, de abstractie.

Diezelfde abstractie spreekt mij ook zo aan in sommige beelden van de Franse beeldhouwer Auguste Rodin. Zijn werk behoort weliswaar tot het impressionisme, maar valt op door het onregelmatige oppervlak en vertoont daardoor in mijn ogen gelijkenis met dat beeld van Charlotte van Pallandt. Iedereen kent natuurlijk De Denker. Het beeld waarvan de Larense versie uit het Singer-museum een aantal jaren geleden na een korte diefstal zo enorm werd toegetakeld. Daaruit bleek maar weer dat Economie en Kunst op gespannen voet met elkaar staan. De stijgende prijs van brons was de aanleiding dat in korte tijd overal in Nederland beelden van hun sokkel werden getrokken. Veel niet teruggevonden beelden zijn waarschijnlijk jammerlijk in een smeltoven geëindigd. Daartussen ook beelden van koper en andere metalen. Want de kennis van metalen wilde nog wel eens tekort schieten. Het voert wat ver om diezelfde spanning tussen Kunst en Economie nu ook terug te zien in het huidige politieke klimaat. Omdat er geld moet worden verdiend om uit de crisis te komen, is er dus geen plaats voor kunst?

Toen ik in 5VWO zat van het bovengenoemde ARHC gingen wij op werkweek naar London. Na een bezoek aan The Houses of Parliament liep ik samen met een klasgenoot naar de oever van de Theems. Daar zag ik plotseling een beeldengroep staan die direct mijn interesse had. In eerste instantie door de vorm. Het leed, waar ik pas veel later over zou lezen, droop van de lichamen af. “De Burghers of Calais” stond er op de sokkel. Eerste snapte ik totaal niet hoe een beeld met inwoners van Calais in een Londens park terecht was gekomen. De geschiedenis bracht uitkomst.

Rodin verbeeldt hier een scène uit het begin van de Honderdjarige Oorlog (1337-1453) tussen Engeland en Frankrijk. In 1347 werd de stad Calais 11 maanden lang door de Engelsen belegerd. Op een gegeven moment was de honger zo groot dat zes mannen, enkel gekleed in een dun hemd en met een strop op de nek, de sleutel van hun stad aan de Engelse koning overhandigden. Met dit verbeelde leed, hoopte zij op een barmhartige houding van de belegeraars. Volgens de mythe slaagden zij in hun opzet. Nader onderzoek in de 21e eeuw leert echter dat de zes mannen vooral zelf materieel beter zijn geworden van deze actie. Calais zou tot 1558 Engels blijven. In 1895 zou hier de eerste van 12 versies van ‘De Burgers van Calais’ worden neergezet.




Archief

Tweets