Posts Tagged ‘Madrid

28
Mrt
16

Globalisering van het geweld

 

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.54.54Toen ik eind jaren ’80 enkele maanden door Zuid-Amerika trok was het ergste scheldwoord wat je toegeslingerd kon krijgen ‘Gringo’, oftewel Amerikaan. Als ik dan vertelde dat ik uit Nederland kwam, was de glimlach tweeledig. Ik was geen gringo en ik kwam uit het land van Goelit, Ban Basten en natuurlijk Kroiff. Waarom had men zo’n hekel aan Amerikanen? Die bemoeiden zich overal ter wereld met de politieke gang van zaken. Vietnam was weliswaar al enige tijd geleden, maar in een land als Chili was Pinochet nog aan de macht. En iedereen wist of dacht dat de CIA hem daar had neergezet. De enkele ‘gringo’ die ik tegenkwam werd met achterdocht en enige minachting bekeken. Dat was overigens het enige. Hij hoefde niet voor zijn leven te vrezen. Wat is er op dit gebied veranderd tussen toen en nu?

 

West-Europa aan het eind van de 20e eeuw

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.55.59In landen waar groeperingen voor een bepaalde mate van onafhankelijkheid of autonomie streden, was het bijbehorende geweld redelijk lokaal. Als we naar West-Europa kijken, waar in veel landen ‘terroristen’ actief waren – sommige kranten putten zich uit om de huidige hoeveelheid slachtoffers in West-Europa te nuanceren door te wijzen op dit terroristische verleden – dan was dit geweld vaak beperkt tot het land waar het om draaide.

Het beroemdst waren de RAF (Rote Armee Fraktion) in Duitsland, De Rode Brigades in Italië, De ETA in Spanje en de IRA in Noord-Ierland. Al deze organisaties – waar toen overigens nog niet het etiket terroristisch op werd geplakt – waren vooral actief in eigen land en richten zich met name op het gezag daar.

De 48 slachtoffers van de RAF – vooral gezagsdragers – vielen bijna allemaal in Duitsland bij gerichte aanslagen. Een van de uitzonderingen was de Utrechtse agent Kranenburg die bij de arrestatie van het RAF-lid Knut Folkerts dodelijk werd getroffen.

De Rode Brigades maakten in Italië ongeveer 75 slachtoffers, meest gezagsdragers. Een enkele keer kwamen burgers om het leven als bijvoorbeeld een bank werd overvallen om aan geld voor hun acties te komen. De grote uitzondering in Italië was de aanslag in 1980 op het treinstation in Bologna waarbij 85 burgers het leven lieten. Deze aanslag was overigens niet het werk van de Rode Brigades, maar van een extreem rechtse groepering.

In Spanje maakte de ETA fors meer slachtoffers. De meeste aanslagen vonden ook hier in eigen land plaats, met een enkel uitstapje naar Frans Baskenland – maar waren niet altijd gericht op de gezagsdragers. In 1987 bijvoorbeeld kwamen er bij een aanslag op een supermarkt in Barcelona 23 mensen om het leven, voornamelijk burgers. In totaal vielen er in de halve eeuw strijd meer dan 800 dodelijke slachtoffers te betreuren.

Het beroemdst, beruchtst en dodelijkst was in West-Europa de strijd van de katholieke IRA in het door de protestanten geregeerde Noord-Ierland. Tijdens de zogenaamde ‘Troubles’ vielen tot 1998 toen het Goede Vrijdag-akkoord werd gesloten, ongeveer 3500 slachtoffers te betreuren. Niet alle slachtoffers staan overigens op naam van de IRA, dat zijn er ongeveer 1770. De aanslagen van de IRA wijken op het oog erg af van de bovengenoemde groeperingen. Er werden vaker burgers slachtoffer van een bomaanslag. Pubs en restaurants waar militairen kwamen, maar nog meer burgers, waren enkele keren het doelwit. Bijna de helft van de slachtoffers van de IRA – bijna 650 – was burger. En de aanslagen beperkten zich niet tot Noord-Ierland. Regelmatig worden ook de grote Engelse steden opgeschrikt door een aanslag. Al moet wel worden gezegd dat het de IRA natuurlijk ging om afscheiding van Londen en dus hoorde Engeland ook bij de vijand. En de aanslagen gingen soms gepaard van een telefonische waarschuwing vooraf. Een van de weinige uitzonderingen vond ook hier in Nederland plaats. In 1990 werden in Roermond twee Australische toeristen door de IRA vermoord. Later bleek het hier om een misverstand te gaan. De IRA dacht dat het hier om Britse militairen ging, die in Duitsland waren gelegerd en in Roermond sigaretten kwamen kopen.

 

West-Europa in de 21e eeuw

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.57.44In de 21e eeuw verandert het terroristisch geweld. Tweeëneenhalf jaar na 9/11 vinden op 11/03 2004 de aanslagen op de treinen in Madrid plaats. Hierbij vallen 191 slachtoffers, allemaal burgers. Een jaar later is het raak in Londen. Bij aanslagen op de metro en een bus vallen op 7/7 2005 52 slachtoffers, weer allemaal burgers. 22/7 2011 is Noorwegen het toneel van de bloedigste aanslag uit haar geschiedenis. In totaal vallen er 77 slachtoffers – allemaal burgers – waaronder 69 jongeren op het socialistische eiland Utøya. Op 13/12/11 vallen in Luik 5 doden, allemaal burgers, als een terrorist bij een bushalte om zich heen schiet en enkele granaten gooit. Tussen 11/3 en 22/3 2012 vinden bij verschillende schietpartijen in en in de buurt van Toulouse 7 mensen, allemaal burgers, de dood. Op 24/5 2014 vinden 4 mensen – allemaal burgers – de dood bij een schietpartij bij het Joods Museum in Brussel. In 2015 is Parijs het decor van twee bloedige aanslagen. Op 7 januari wordt de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo bestormd en vallen er 12 slachtoffers, bijna allemaal burgers. Twee dagen later vinden bij een gijzeling van een Joodse supermarkt in Parijs nog eens 4 mensen, allemaal burgers, de dood. Ruim 10 maanden later, op vrijdag de 13e november worden bij verschillende aanslagen 129 mensen, allemaal burgers, gedood. De meeste slachtoffers vallen in de concertzaal Bataclan. Negentachtig, vooral jeugdige concertbezoekers, worden hier neergeschoten. En vorige week, 21 maart 2016, waren daar de aanslagen in Brussel waarbij meer dan 30 slachtoffers vielen, allemaal burgers.

 

Burgers zonder grenzen

Schermafbeelding 2016-03-28 om 15.01.11Wat opvalt aan de rij aanslagen die de eerste 15 jaar van de 21e eeuw West-Europa teisterden, is dat er voornamelijk burgerslachtoffers vielen. De meeste slachtoffers in de tweede helft van de 20e eeuw waren nog gezagsdragers. Voor de daders kwamen de burgers toch te dichtbij, het slachtoffer zou je buurman kunnen zijn. Dit wierp waarschijnlijk een morele drempel op. Vandaag de dag zijn de slachtoffers veel anoniemer. Ook als het zoals in Parijs en Brussel gewoon Fransen en Belgen zijn die de aanslagen plegen, dan zorgen de cultuurverschillen voor genoeg distantie om het slachtoffer anoniem te laten blijven. Net zo anoniem als hun cultuurgenoten die door de westerse drones vanuit het niets worden getroffen.

Alleen al door het hoge percentage burgerslachtoffers komen de recente aanslagen dichterbij. Die burger, dan kan ook jij of ik zijn. Dat gevoel geldt in een land als Nederland wel iets sterker dan in bijvoorbeeld Engeland waar de IRA nog redelijk recent actief was.

En waren België en Frankrijk vroeger nog buitenlanden. Met het wegvallen van de grenzen dankzij Schengen zijn Brussel en Parijs een stuk dichterbij gekomen. We vliegen net zo makkelijk van Zavetem als van Schiphol en voor een vrijgezellenavond is Parijs allang niet meer zo bijzonder.

Een ander belangrijk verschil is de aard van het terrorisme. Zochten de RAF en de Rode Brigades, maar ook de Tamil Tijgers en Tjetsjenen vroeger hun slachtoffers in eigen land of regio. De laatste decennia zijn ook die grenzen gaan vervagen. Het terrorisme zoekt haar slachtoffers in de landen die in hun ogen de veroorzakers van hun ellende zijn. Waren tot ver in de jaren ’80 en ’90 vaak nog alleen de gringo’s uit Verenigde Staten de oorzaak van veel ellende. Na de Golfoorlogen en Afghanistan horen wij Europeanen daar ook bij.

 

Grenzen aan de globalisering

Schermafbeelding 2016-03-28 om 14.59.44De bovengenoemde globalisering heeft wel zijn grenzen. Wanneer er bommen ontploffen in Beiroet, Ankara, Istanbul of Lahore dan is dat toch verder van ons bed. Er komen hier dan geen extra nieuwsberichten, aangepaste Facebook-profielen of protestdemonstraties. Hoe komt dat? Omdat we sneller een concertje pikken in Parijs dan in Beiroet? Omdat we niet het leed van de hele wereld op onze schouders kunnen nemen? Omdat het daar mensen zijn met een ander geloof dan hier in West-Europa? Omdat de Pakistaan, Turk of Libanees toch minder familie is dan de Belg of de Fransman? Ik vrees dat dat laatste zeker een belangrijke rol speelt.

 

Ik ben trouwens wel benieuwd hoe het nu in Zuid-Amerika is. Zijn de West-Europeanen daar nu ook de gringo’s? Ik denk het eigenlijk niet.

 

 

  1. Het betreft hier een beperkte observatie. Ik heb niet gekeken naar de complexe politieke veranderingen tussen 1989 en nu. Ik laat ook de – deels mislukte – integratie van de gastarbeiders in Europa achterwege. Ik probeer het groter te zien. Op het niveau van de globaliserende wereld waarin wij nu leven. Was in 1989 een reis naar Zuid-Amerika nog voor de jeugd met weinig geld en veel tijd. Vandaag gaat men met groot gemak voor een paar weekjes naar de andere kant van de wereld. Dit alles dankzij de toegenomen welvaart. Maar dus wel met een bijzonder prijskaartje.
Advertenties
15
Feb
12

De Overgave van Breda, ‘Las Lanzas’ – Diego Velásquez (1634-1635)

De Overgave van Breda

Het is alweer bijna 25 jaar geleden dat ik dit schilderij zag hangen in het Prado in Madrid. Ik weet nog dat ik verbaasd was toen ik, na een vluchtig bekijken van het schilderij, de titel las. Beeld en onderschrift pasten gevoelsmatig niet bij elkaar. In plaats van verlies en vreugde is er vooral vrede en compassie te zien. Dat is het duidelijkst te zien aan de twee centrale figuren in het schilderij. Links staat licht onderdanig Justinus van Nassau, de verdediger van Breda. Alsof hij vrede heeft met de situatie overhandigt hij de sleutel van de stad. Hij geeft deze aan de bevelhebber van de Spaanse belegeraars, Ambrogio Spinola. Deze toont geen leedvermaak, maar duidelijk compassie door zijn rechterhand op de schouder van Justinus van Nassau te leggen. Alsof hij zeggen wil; “De volgende keer is het jouw beurt, kameraad.”

Ook de rest van het schilderij laat deze hoffelijkheid zien. Links de overwonnenen die de kijker redelijk gelaten en neutraal aankijken. Alleen de jonker bij het paard toont sporen van de nederlaag door middel van de bloedspatten op zijn witte jasje. Aan de rechterkant staan de overwinnaars. Ook op hun gezichten geen spoor van vreugde of vermaak. Op het ‘el Greco-achtige’ gezicht in het centrum van de Spaanse overwinnaars is met wat goede wil zelfs medelijden te bespeuren.

Toch is goed te zien dat de Spanjaarden de overwinnaars zijn. Spinola is bijna een kop groter dan de nederige Justinus van Nassau. De Spaanse soldaten staan ook hoger dan de overwonnen Nederlanders. Tevens staan zij in het licht, terwijl de overwonnenen met een plekje in de schaduw genoegen moeten nemen. De plaats van de vlaggen in het schilderij laat ook duidelijk zien wie er gewonnen en wie er verloren heeft. De vlag van de Spanjaarden bevindt zich rechts in de bovenste helft van het schilderij. Terwijl het blauw-rood-witte vaandel van de verliezers veel lager in het centrum van het schilderij nog maar net zichtbaar is. Ook staat het paard van Spinola krachtig vooraan in beeld. Terwijl het ietwat verscholen paard van Justinus van Nassau het hoofd licht neigt. Het feit dat we de achterkant van het paard van Spinola zien, zou kunnen duiden op de ontembaarheid. Van het paard en dus van de Spaanse furie.

Heel opvallend is verder de orde en wanorde van de wapenen. Rechts de lansen, links de hellebaarden. Fier domineren de lansen dusdanig het schilderij dat het in Spanje ook onder de naam ‘Las Lanzas’ te boek staat. De orde lijkt doorbroken te worden door enkele schuine lansen. Dit is echter schijn. Deze drie afwijkende lansen staan ook weer netjes evenwijdig aan elkaar.

Velasquez heeft trouwens ook opvallend veel aandacht besteed aan de achtergrond. Daar liggen niet alleen de smeulende en soms zelfs nog brandende resten van het belegerde Breda. We zien zelfs iets van het landschap er omheen. In een goed perspectief en opvallend gedetailleerd. Zeker als we in ogenschouw nemen dat Velasquez als voorbeeld op dat moment alleen nog maar inferieure landschapschilderingen tot zijn beschikking had. De Nederlandse landschapschilders beleefden later die eeuw pas hun hoogtepunt.

Noot 1. Rechtsonder heeft Velasquez een wit vel papier geschilderd. Een prachtige plek voor zijn signatuur. Maar die vinden we nergens. Alsof de schilder wil zeggen: “Zo’n meesterwerk kan maar door één kunstenaar  zijn geschilderd.”

Noot 2. Het verhaal gaat dat een van de voorvaderen van Spinola, die uit het Italiaanse Genua kwam, mee zou zijn geweest met de Eerste Kruistocht. In het Heilige Land zou hij toen een doorn uit de doornenkroon van Jezus hebben gevonden. Hier ligt ook de basis van de familienaam, Spinula betekent namelijk doorn.

Noot 3. Breda is verschillende malen belegerd en veroverd. En paar jaartallen:

1577 Beleg door Filips van Hohenlohe-Neuenstein

1581: Breda door de Spanjaarden werd veroverd door Claudius van Berlaymont, furie van Houtepen

1590: Breda heroverd op de Spanjaarden door de list met het Turfschip van Breda door Maurits van Oranje

1624-1625: Beleg door Ambrogio Spinola

1637: Breda heroverd door de Republiek onder leiding van Frederik Hendrik van Oranje

18
Aug
11

Paus in Madrid – Tweetverhaal bij de foto (18 augustus 2011)

Bij de foto:

Priester bij tijdelijke biechtstoelen in park in Madrid [Foto; AP/Emilio Morenatti]

 

 

04
Mrt
11

Een schilderij in 140 tekens: De fusillering van de opstandelingen van 3 mei 1808 – Francisco de Goya (1814)

Toen ik vorige week Guernica uitkoos, moest ik onwillekeurig aan dit schilderij denken. Ik heb deze aanklacht van Francisco de Goya op dezelfde dag gezien als de aanklacht van Picasso. Toen stond ik er niet zo bij stil, maar beide schilderijen wilden iets bereiken. Dit schilderij van Goya maakt deel uit van een reeks etsen en schilderijen bekend geworden onder de titel: ‘De Verschrikkingen van de Oorlog’. Hij maakte deze werken tussen 1810 en 1820. Ze verwijzen echter naar 1808. In maart van dat jaar vielen de troepen van Napoleon het Spaanse schiereiland binnen. Op 2 mei vond in Madrid een grote opstand plaats. Een scène hieruit is in 1814 door Goya op het doek gezet en is onlosmakelijk verbonden met het schilderij van deze week. In de nacht van twee op drie mei werden de opstandelingen door de Franse soldaten geexecuteerd. Dit is op een dramatische manier door Goya in beeld gebracht.

Onvergetelijk is de centrale figuur. Met zijn spierwitte blouse en gele broek staat hij met opgeheven handen in het volle licht van een grote lamp. Deze lamp is als een onneembare barrière opgesteld tussen de Franse soldaten en de opstandelingen. Als we goed naar zijn gezicht kijken zien we vooral wanhoop. Alsof hij vraagt; “komt het ooit nog goed met ons mooie land?’ Links van hem liggen de reeds gefusilleerden. Aan zijn zijde probeert een monnik tevergeefs knielend vergeving te krijgen voor de man met de witte blouse en zijn metgezellen. Voor de rest is het angst en ontreddering op de gezichten van de Spanjaarden. Aan de andere kant staan de Franse soldaten die met hun geweren die meedogenloos het licht in prikken. We zien geen gezichten. Eigenlijk zien we ook geen individuen. Op deze manier geschilderd is het een groot, massief moordend monster.

Kijkend naar dit schilderij van Goya en het schilderij van hem dat de gebeurtenissen van een dag eerder beschrijft, zien we een groot verschil. Een klassiek ‘gebeurtenisschilderij’ tegenover een modern ‘gevoelsschilderij’. Door veel kunsthistorici wordt dit wel het eerste moderne schilderij genoemd. Het is ook overduidelijk dat in latere periodes schilders als Manet en Picasso zich hebben laten inspireren door dit schilderij.

Toen Goya zijn aanklacht schilderde was de rol van Napoleon in Europa uitgespeeld (alleen Waterloo moest dat nog bevestigen) en lag er eindelijk vrede in het verschiet. Door de mensheid te herinneren aan de gruwelijkheden van de oorlog hoopte Goya dat deze nooit meer zouden voorkomen. Helaas kwamen er na Waterloo ook nog Verdun en Auschwitz. Ook die gruwelijkheden zijn op vele manieren vereeuwigd. De recente geschiedenis leert ons dat die aanklachten al snel veranderen in abstractie. In mooie kunstwerken die beoordeeld worden om hun schoonheid en niet om hun boodschap. Zoals ook het moorden in Vietnam en Irak  moderne schilderingen opleverde als ‘Apocolyps Now’ en ‘The Hurt Locker.’ Een les zal het niet opleveren, hooguit mooie cinema.

25
Feb
11

Een schilderij in 140 tekens: Guernica – Pablo Picasso (1937)

Ergens tussen de windmolens van Don Quichote had ik Nederland een paar dagen eerder Europees kampioen voetbal zien worden. Ondanks het lege cafe met enkele ongeïnteresseerde Spanjaarden was ik tamelijk euforisch. Staand voor het muurvullende schilderij werd ik die regenachtige dag in juni weer met beide benen op de grond gezet. Zeg maar gerust gesmeten. De emotie die Pablo Picasso ruim vijftig jaar daarvoor op het doek had aangebracht, kwam door elke porie van mijn lichaam levensgroot naar binnen. In mijn herinnering was het erg donker in dat zaaltje bij het Prado in Madrid en werd het steeds donkerder. Mijn blik ging steeds naar het paard. De hoorbare schreeuw van pijn trok een koude rilling over mijn rug. Langzaam kon ik het daarna loslaten om kriskras over het schilderij nog meer dood en verderf te ontdekken. De gevallen soldaat met zijn gebroken zwaard, de moeder met haar dode kind omringd door een stier met een vlammende staart, de huilende duif, de zwevende vrouw met het kaarslicht, de knielende vrouw, de wanhopige figuur omgeven door vlammen. De beelden en hun mogelijke betekenissen buitelden over elkaar heen. Ik heb later de betekenis van deze beelden geprobeerd te achterhalen. Daar heb ik vaak prachtige verhalen over gelezen. Dit zei Picasso er ooit zelf over:

“Deze stier is een stier en het paard een paard. Als je een betekenis geeft aan de zaken in mijn schilderijen dan mag dat erg waar zijn. Maar het was niet mijn idee die betekenis er aan te geven. Jouw betekenissen en conclusies heb ik ook gevoeld, maar dan instinctief en onbewust. Ik schilder om het schilderen. Elk figuur en object is dat wat ik schilder.”

De naam van het schilderij, Guernica, verwijst naar het gelijknamige Baskische dorp. Op 26 april 1937 werd dit dorp door Duitse en Italiaanse vliegtuigen gebombardeerd. Naderhand werd het beschouwd als vingeroefening voor de bombardementen van de Duitsers aan het begin van de Tweede Wereldoorlog op steden als Rotterdam en Coventry. Over het exacte aantal dodelijke slachtoffers in Guernica wordt tot op de dag van vandaag door historici getwist. Guernica werd grotendeels vernield.

PS. Ik heb lang getwijfeld over mijn keuze van deze week. Ook het schilderij ‘Les Demoisselles d’Avignon’ vind ik erg mooi. Omdat ik per schilder in principe slechts 1 schilderij wil bekijken is het tot mijn spijt afgevallen. Al kan ik natuurlijk altijd van gedachten veranderen.




Archief

Tweets