20
Feb
13

De Hunneschans en de ijzerindustrie op de Veluwe

OLYMPUS DIGITAL CAMERAOp plaatsen waar leem in de bodem zit en de doorstroom vertraagd wordt, kan zeer plaatselijk ijzer neerslaan waardoor zich korsten van limoniet vormden. Limoniet is een geologische verzamelnaam voor amorf ijzererts. In het dagelijks leven kennen we het ook en noemen we dit gewoon roest. Dergelijke oerbanken hebben voor het landschap verschillende gevolgen gehad. Sommige banken waren dik dat ze het grondwater niet meer doorlieten. Boven de banken bleef het water dan staan waardoor zich op de plaatsen van oerbanken vennetjes vormden. Deze werden ijzeren mannen of flessen genoemd, zoals o.a. de Gerritsflesch achter Radio Kootwijk. Een dergelijk meer lag ook bij het door Berlage ontworpen jachtslot St. Hubertus aan de noordkant van de Veluwe. Het echtpaar Kröller-Müller gaf in de twintiger jaren opdracht dit meer uit te diepen. Daardoor werd de oerlaag doorgraven, zodat het meer prompt leegliep

klappersteen doorsneeKlapperstenen

Doordat het grondwater rond leemresten net even een andere samenstelling heeft dan de omgeving slaat het ijzer daar eerder neer. Door wisselingen in de ijzeraanvoer kunnen zich rond een leemklont dan concentrische korsten limoniet vormen. Dit verschijnsel wordt ‘concretievorming’ genoemd. De leemkern met de schillen limoniet eromheen is dan de ‘concretie’. Dergelijke concreties worden veelvuldig aangetroffen op de Veluwe. Eenmaal boven het grondwater droogt de leemkern vaak uit en krimpt daarbij. De leemkern zit dan los in zijn schil. Door zo’n concretie te schudden gaat die klapperen, vandaar de naam klappersteen.

IJzerindustrie

Oerbanken en klapperstenen kwamen vroeger zelfs zo veelvuldig voor dat er in de vroege middeleeuwen een hele ijzerindustrie omheen heeft bestaan. Stukken oerbank en lagen klapperstenen werden uitgegraven en in plaatselijke ovens tot ijzer omgezet. Het erts werd daarbij niet gesmolten maar ‘geroost’. De temperatuur in de primitieve ovens was niet hoog genoeg om het ijzer te

1. Winning van de klapperstenen 2. Drogen van de stenen 3. Scheiden van de ertsrijke schil van de leemkern 4. Het bouwen van de oven 5. Het stoken van de oven  6. De ontmanteling van de oven 7. Het verzamelen van de 'wolf' 8. Het uithameren van de wolf

1. Winning van de klapperstenen 2. Drogen van de stenen 3. Scheiden van de ertsrijke schil van de leemkern 4. Het bouwen van de oven 5. Het stoken van de oven 6. De ontmanteling van de oven 7. Het verzamelen van de ‘wolf’ 8. Het uithameren van de wolf

smelten. Wat wel smolt waren de nog aanwezige zand- en leemresten. Deze smelt werd afgetapt zodat er een vast ijzerconcentraat gemengd met ongesmolten silicaatresten overbleef. Dit werd de ‘wolf’ genoemd. Om bij de wolf te komen moest de oven worden afgebroken. De silicaatresten werden verwijderd door de wolf ‘uit te hameren’. De kuilen waaruit de klapperstenen zijn opgegraven liggen vaak in rijen met een NNW-ZZO richting. Dergelijke rijen van kuilen zijn vaak kilometers te vervolgen. Op talloze plaatsen zijn in de Veluwe nog slakkenhopen uit de ijzerovens te vinden. Deze slakken bevatten nog behoorlijk veel ijzer, wat aangeeft dat de productiemethode niet echt efficiënt was. Men heeft overigens berekend hoeveel ijzer gewonnen moet zijn per hoeveelheid slakkenafval. Zo bleek één slakkenhoop bij Apeldoorn in de buurt al goed te zijn voor 20 m3 ijzer. Dat is genoeg voor 50.000 bijlen en 120.000 hoefijzers!

Houtskool

Kohlenmeiler_Hagen_2004Naast klapperstenen was houtskool een essentieel onderdeel voor het vervaardigen van ijzer. Het houtskool werd gestookt in zogenaamde houtskoolmeilers. De plaatsen waar ooit dergelijke meilers gestaan hebben zijn nog steeds herkenbaar aan de roodkleuring van het zand dat zich onder de meilers bevond. Op één volumedeel ijzer waren 10 volumedelen houtskool nodig. De ijzerindustrie zal dus zeker bijgedragen hebben aan de ontbossing van de Veluwe. Na de 12e eeuw is de ijzerindustrie in het slop geraakt. Tot op de dag van vandaag wordt er echter nog steeds houtskool geproduceerd op de Veluwe, alleen is het nu vooral bestemd voor de barbecue. De huidige meilers zijn niet meer pittoresk van hout, maar bestaan uit plaatstalen kuipen.

Handel

GeotweetVeel van dit ijzer werd verhandeld. Ten westen van het gebied waar veel ijzer werd gevonden, bevond zich in de vroege Middeleeuwen een handelsroute die van het Almere in het noorden naar de Rijn in het zuiden liep en mogelijk nog doorliep in de richting van het Maas-gebied. Om deze handelsroute te controleren en te beveiligen werden op verschillende plekken in de 9e en 10e eeuw ringwalburchten aangelegd. De twee bekendste en recent gerestaureerde ringwalburchten dragen beide de naam Hunneschans. De ene ligt aan de oever van het Uddelermeer, de andere ligt ten zuiden van Heveadorp Dunoen wordt ook wel Duno genoemd, naar het gelijknamige landgoed waar het deel van heeft uitgemaakt. De ringwalburcht bij het Uddelermeer is bijna helemaal rond. Waar de wal ontbreekt ligt ter bescherming het Uddelermeer, toen waarschijnlijk ook gebruikt als drinkwaterbron. De hunneschans bij Duno is ovaler van vorm en ligt prachtig bovenop de stuwwal waardoor ook hier de wal niet geheel doorloopt. Hier is de steile helling van de stuwwal, aangevreten door de Rijn, de natuurlijk bescherming. Tegelijk zag men eventuele vijanden uit het rivierengebied al van ver aankomen.

Adela

hamalandIk zal niet te veel ingaan op de geschiedenissen die zich hier misschien hebben afgespeeld in de vroege Middeleeuwen, omdat het meeste bestaat uit speculatie. Een naam wil ik echter wel noemen en dat is die van Adela, dochter van de machtige Graaf Wichman II van Hamaland., eigenaar van veel ringwalburchten in Gelderland. Deze vrouw, die volgens de overlevering ‘veel te luid praatte, wulpse taal uitsloeg, even harmonisch gekleed ging als ze van binnen losgeslagen was en door haar oogopslag haar onevenwichtigheid verried’ deed er alles aan om haar vaders erfdeel in handen te krijgen, Het gerucht gaat dat zij daarvoor haar zus vergiftigde, om daarna met de vazal van haar zus, Balderik te trouwen. Ze zou berooid zijn gestorven in Keulen. Maar ook na haar dood deed zij nog stof opwaaien. Tijdens een storm zouden onverlaten haar botten hebben opgegraven en in de Rijn hebben gegooid. Die daarna uit protest nog dagen zou bruisen en kolken.

Hunnen

Waarom werden deze walburchten en ook de uit stenen opgebouwde graven in Drenthe geassocieerd met de Hunnen? Daarvoor moeten we terug naar de 17e eeuw. Een zekere Picardt schreef toen over “steenhopen gebouwd door grouwsamen barbarische en wreede reusen, huynen, giganten.” Vooral de term ‘huynen’ maakte blijkbaar indruk. In 1685 wordt voor het eerst de naam hunebed gebruikt. Hetzelfde geldt waarschijnlijk voor de ringwalburchten, waarvan ook weinig meer over was in die tijd. Dat moest wel het werk zijn van barbaren, dus van de Hunnen!

Advertenties

1 Response to “De Hunneschans en de ijzerindustrie op de Veluwe”


  1. 1 Christa Jonkergouw
    februari 23, 2013 om 7:35 pm

    Wat een prachtig gebouw is het Kruller-Möller toch.


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


Archief

Tweets


%d bloggers liken dit: