08
Feb
13

De beha van Jannink

Wie Andere Tijden van 3 februari 2013 heeft gezien weet waarom het platteland van Groningen zulke fraaie boerderijen huisvest. Om diezelfde reden, het gebruik van chilisalpeter als kunstmest, kon vanaf dat moment ook naar de woeste gronden gekeken worden als landbouwgebied. Tot die tijd waren de ‘woeste’ heidegebieden alleen geschikt om vee te laten grazen en om af te plaggen. Die plaggen werden dan vermengd met de koeien- en schapenstront uit de stallen om als mest te dienen voor de akkers die wel geschikt waren voor de verbouw.

Zo ook in Twente. In 1928 kocht mevrouw C.F. Jannink – van Heek,  iets te noorden van het dorp Mander een stuk grond. Dit heidegebied lag pal tegen de Duitse grens, grofweg tussen grenspaal 86 en grenspaal 88. Zij kocht het voor haar zoon Gerhard Jannink die een paar jaar daarvoor als Scheikundig Ingenieur was afgestudeerd aan de Technische Hoogeschool in Delft. Als zoon van de Directeur van de textielfirma N.V. G. Jannink & zn. in Enschede hield hij zich naast textiel bezig met landbouw.*

Jannink BEHAVlak na zijn afstuderen was hij in de Verenigde Staten geweest. Daar had hij iets gezien dat nog nooit in Nederland was vertoond; akkers die in een cirkel waren geploegd**. Het grote voordeel was dat men dan de ploeg niet meer hoefde te keren. Dit leverde veel tijdwinst op. Mechanisering ging hierbij natuurlijk ook een rol spelen. Daartoe ontwikkelde Jannink eerst de kettingtractor en later de kamwieltractor die verbonden met een paal in het midden prefect in het rond werd geleid, steeds een klein beetje verschuivend. Oorspronkelijk was het plan om hier vier cirkels aan te leggen met in het midden een boerderij. Maar het is bij twee gebleven waarop in eerste instantie rogge, haver en aardappelen werden verbouwd. Na 1976 werd overgeschakeld op maïs en werd drijfmest van grote veeboerderijen uit de omgeving gebruikt. De ene cirkel heeft een doorsnee van 343 meter, de andere meet 378 meter.

Het is niet waarschijnlijk dat de familie Jannink tot het eind de cirkels hebben verbouwd. Textiel was voor hun wel het belangrijkste. Dat bleek wel in 1932 tijdens een staking in de textielfabriek van Jannink in Enschede. Het was hartje winter en de productie lag al helemaal stil. De paar arbeiders die bereid waren de kachels op te stoken om de fabriek niet helemaal te laten bevriezen, werd door hun collega’s het werken onmogelijk gemaakt. Gerard Jannink besloot toen om werknemers van zijn landbouwonderneming de ‘Braamberg’ in Vasse naar de fabriek te laten komen om dit ‘onderkruiperswerk’ zoals dat door de kranten in die tijd werd genoemd, uit te laten voeren. Nu is in die fabriek een textielmuseum gevestigd.

In de jaren ’90 van de vorige eeuw werd het gebied met de cirkels onderdeel van een natuurontwikkelingsproject. Het Overijssels Landschap werd daarom in 1991 eigenaar van de cirkels. Er was in het begin bij historische geografen de angst dat de cirkels zouden verdwijnen maar dat is gelukkig voorkomen. Daarom werd in 1993 aan de beeldend kunstenaar Paul de Kort de opdracht gegeven dit te voorkomen. Hij heeft de cirkels geaccentueerd door ze te omgeven door een greppel en een wal. Om de oude ploegvoren te verbeelden heeft hij een 2,5 kilometer lang spiraalvormig wandelpad aangelegd. De kleine ronden ‘eilanden’ in het centrum heeft hij beplant met jeneverbessen en een labyrint. Daarmee zijn de Mandercirkels, ook wel de Cirkels van Jannink of de beha van Jannink genoemd, nog steeds een markant baken voor vliegers.

* Naast de textielfabriek bezat de familie ook de Landbouwmaatschappij “de Braamberg” in het iets zuidelijker gelegen Vasse. Saillant is dat ook hier geografie en kunst samenkomen. Begin jaren twintig lieten zij hier een theehuis bouwen. Hoewel ik er geen afbeeldingen van heb gezien (het is in WO II afgebrand) ben ik vrijwel zeker dat het in de Amsterdamse School-stijl is gebouwd. center pivot irrigation crop circle 3De oorspronkelijke architect was Karel de Bazel, beroemd van zijn Amsterdamse Schoolwijk in Bussum en het kantoor van de Nederlandse Handelsmaatschappij in Amsterdam. Omdat hij halverwege de bouw overleed (op weg naar de begrafenis van zijn collega, de nog beroemde architect Michiel de Klerk) werd het theehuis afgemaakt door het duo Broese van Groenou en De Clercq die in die periode ook onder invloed van de Amsterdamse School stonden.

** Niet te verwarren met cirkelirrigatie. Deze vorm van landbouw werd in 1948 voor het eerst toegepast door een boer in Colorado (VS). Vaak wordt op dit soort akkers gewoon ouderwets heen en weer geploegd. Het overgrote deel van de uit de lucht prachtig zichtbare vormen, is van deze oorsprong. Zeker in droge gebieden wordt deze methode veel toegepast.

 

Advertenties

2 Responses to “De beha van Jannink”


  1. 1 Hilda
    februari 8, 2013 om 10:05 pm

    Een moeder die een beha koopt voor haar zoon. Dat waren nog eens tijden.
    Boeiend weer. Dankje!

  2. 2 Ton
    februari 9, 2013 om 6:21 pm

    Fraaie cirkels
    Doet me aan tour de F denken
    Moeder Aarde ten zuiden Delft vanuit de lucht zichtbaar
    Hoop er nog een keer vanaf Rdam over vliegen


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


Archief

Tweets


%d bloggers liken dit: