20
Dec
10

Reis om de wereld in 80 tweets (tweet 44)

Het is 1410 en de slag bij Tannenberg is in volle gang. De legers van Polen en van de ridders van de Duitse Orde zijn aan elkaar gewaagd. Maar met de verwachte steun van de troepen uit het uiterste zuiden van het Duitse Rijk zal de strijd snel beslecht zijn. De troepen zijn al enkele weken geleden uit Tirol opgeroepen om over de Alpen naar de oostgrens van het Duitse Rijk te komen.

Maar op datzelfde ogenblik wachten in de Ritten, in het zuiden van Tirol, de ridders van de Duitse Orde op beter weer. Een dagen voortdurende stortregen heeft hen afgesloten van de buitenwereld. Overal denderen de beken met keien en stenen allesvernielend naar beneden. Zowel de weg voor als achter is weggeslagen. De dag lijkt op de nacht, het is al drie dagen donker.

Wanneer het noodweer is weggetrokken zien zij dat de weg waarover zij moeten oprukken heeft plaatsgemaakt voor een gapend gat. Grote rotsblokken liggen her en der op de helling. Vele donkere waterstroompjes zoeken  hun weg naar beneden. Diepe geulen en geultjes achterlatend. Voor de ridders is er geen doorkomen aan. Zij sturen een boodschapper naar het noorden om te vertellen dat hun komst nog wel even op zich zal laten wachten.

In de zomer van 2007 volg ik iets voorbij het in Nederland heel beroemde Collalbo de bordjes ‘Erdpyramiden Ritten’. Het pad is mooi aangelegd om zoveel mogelijk toeristen naar dit natuurfenomeen te lokken. Ik voel mij met mijn bergschoenen aan een beetje ‘overdressed’. Om te voorkomen dat de onwetende toerist te snel terugkeert kun je langs het pad ook twaalf staties van de kruisgang volgen. Het is prachtig helder weer en niets herinnert hier aan het noodweer van bijna 600 jaar gelden. Vlak voordat ik verwacht een eerste blik op de aardpiramiden te kunnen werpen, zie ik links van het pad iets wat op een stukje eeuwenoude weg lijkt. ‘Zou dit?’ vraag ik mij af. Het zal het restant zijn van een eeuwenoude weg, maar 600 jaar is wel erg lang. Maar ik geloof er graag in. Even verderop krijg ik een prachtig overzicht. De hele berg met op de voorgrond het gapende gat, waarin metershoge zuilen van klei, zand, grind en keien als gebeeldhouwd naast en voor elkaar staan. Met een beetje fantasie is er zelfs regelmaat te bespeuren. Daarachter de groene alpenweiden met een dorpje met de typische uivormige kerktoren en de zwart-witte huizen waar ik nog net niet de geraniums op de balkons kan onderscheiden. Het is dit ‘kleine’ gat dat de Duitse ridders ervan weerhield om hun weg te vervolgen zoals die nu nog, weliswaar geasfalteerd, over de groene alpenweide loopt.

Dat er in de Alpen in tijden van noodweer soms halve berghellingen naar beneden komen is niet eens zo bijzonder. Elke zomer lees ik wel een bericht in de krant dat er ergens in de Alpenlanden na zware regenval wegen zijn afgesloten vanwege modderstromen. Dat dit leidt tot het ontstaan van aardpiramiden heb ik nog nooit gelezen. Wat maakt aardpiramiden zo bijzonder? Terwijl de oorzaak heel erg algemeen is: ontbossing!

Ontbossing in bergachtig gebied levert bouwhout en weideland, maar daar waar de helling te steil is en na een enkele bui ook nog eens ontdaan wordt van het laatste restje beschermende bovenlaag, is erosie het gevolg. Het beekje dat vandaag rustig en helder naar beneden kabbelt kan morgen na een zware regenbui veranderen in een woeste stroom grijs van het slib en zand dat van de hellingen wordt afgespoeld. Toen ik een keer midden in de Karwendel op een kale puinhelling overvallen werd door noodweer, zag ik dat elke regendruppel, als had hij de kracht van een kanonskogel, de zandkorrels letterlijk naar beneden schoot. Binnen de kortste keren veranderde het heldere beekje waar ik een dag eerder via enkele stenen makkelijk overheen kwam, in een onneembare barrière. Met heel veel moeite en een natte voet bereikte ik de overkant. Een uur later hoorde ik dat verderop in het dal een deel van de weg bedekt was met modder en puin. Ik zat gelukkig al hoog en droog in de hut.

Alleen onder heel speciale omstandigheden levert dit proces echter aardpiramiden op. Als ik dichterbij kom, bekijk ik de zuilen, die eigenlijk meer op een obelisk lijken dan op een piramide, zowel qua vorm als grootte, eens nauwkeuriger. De ongeveer vijf meter hoge zuil waar ik voor sta bestaat uit een mix van materiaal. Stenen en steentjes, zand en klei en op de bovenkant een heel grote kei, die lijkt te moeten balanceren om te blijven liggen. Nu de zon schijnt, voelt de aardpiramide zo hard als beton aan. De klei is keihard opgedroogd en niets lijkt een stabiele toekomst in de weg te staan. Een beetje regen kan dan ook geen kwaad. Maar als het langduriger regent wordt de klei vloeibaar en het water dat langs de zuil stroomt neemt dan toch steeds iets aan zand, klei en kiezels mee. Maar als de zon weer gaat schijnen droogt de klei snel weer op tot een harde beschermende korst. De kei die de zuil als een hoed beschermt, zorgt er in tevens voor dat de zuil niet steeds geraakt wordt door de vallende regendruppels. Maar de zuil waar ik voor sta is al zo smal geworden dat het niet lang meer duurt voordat de balans verdwenen is en de kei naar beneden valt. Dan zal het met de rest van de zuil ook snel gedaan zijn. Maar dieper in de hellingen liggen vaak andere grote stenen klaar om de taak over te nemen. Willen aardpiramiden kunnen uitgroeien tot zulke mooie exemplaren als hier in de Ritten dan mag het wel regenen, maar niet te veel. Regent het vaak en langdurig dan zal er geen aardpiramide zichtbaar worden, want dan is alles te snel weggespoeld.

Het meest ideale materiaal om als geboortegrond voor aardpiramiden te dienen is het morenemateriaal dat door gletsjers in koudere tijden is meegenomen en her en der in de Alpen is achtergelaten. Op het hoogtepunt waren de gehele Alpen met gletsjers bedekt! De langwerpige meren ten noorden en zuiden van de Alpen zijn nog de meest herkenbare stille getuigen van de kracht en reikwijdte van dit ijs. De gletsjers hebben zich na het warmer worden weer teruggetrokken tot hoog in de bergen, maar het allegaartje van klei, zand, kiezels en keien is achtergebleven. Voer voor aardpiramiden! Het wachten is op noodweer zoals de Duitse Ridders in 1410 meemaakten. Ongewild waren zij getuige van de geboorte van de aardpiramiden van de Ritten.

Aardpiramiden vinden we in alle berggebieden op aarde. De meeste heb ik ooit ergens hoog in de Himalaya van Noord-India gezien. Helaas onbereikbaar voor de gewone onderzoeker. Naast die in de Ritten bij Bolzano komen de bekendste voor in de Franse Alpen. Alleen al vanwege hun naam moeten dit wel de mooiste zijn. Maar ook de  “Demoiselles Coiffees” aan de oevers van het stuwmeer Lac de Serre Ponçon, in de rivier de Durance, veranderen na elke regenbui van hoofddeksel. De jongedame die ik het ene jaar getooid zag met een ranke muts, stond een jaar later met ontbloot schedeldak in de regen. Ze leek ook al een stuk kleiner geworden. Met elke aardpiramide verdwijnt er een stukje vruchtbare bergbodem. Wanneer men bossen blijft kappen en de berghellingen intensief blijft bebouwen zullen we nog lang kunnen genieten van dit bijzondere fenomeen.

De Polen hebben ondertussen de Duitsers vernietigend verslagen.

Op 15 juli van dit jaar werd gevierd dat dit precies 600 jaar geleden is.

Advertenties

0 Responses to “Reis om de wereld in 80 tweets (tweet 44)”



  1. Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s


Archief

Tweets


%d bloggers liken dit: