Berichten met Tag ‘Joop Zoetemelk

15
jul
11

Tourtweet 12e etappe; Neerlands Hoop (15 juli 2011)

Bij de foto:

Johnny Hoogerland probeerde op de eerste beklimming van de dag naar La Hourquette d’Ancizan zijn bollentrui te verdedigen. Dapper ging hij in de aanval in een poging bij de kopgroep van dat moment te geraken. Helaas kwam hij er al snel achter dat zijn benen nog niet zo gezond zijn als zijn hoofd wil doen geloven. Uiteindelijk zou hij bijna 25 minuten verliezen.

Na Erik Breukink (ooit 3e), Peter Winnen (ooit 4e) en Michael Boogerd (ooit 5e) droomt Nederland weer van een Nederlandse Tourwinnaar. Robert Gesink werd vorig jaar 6e en dit jaar was de Raboploeg zo samengesteld dat hij hoe dan ook op het podium in Parijs zou belanden. Het liefst natuurlijk in het geel. De witte trui had hij alvast aangetrokken. Maar na een paar kilometer klimmen op de daar nog beboste flanken van Tourmalet ging het al mis. Gesink moest lossen en stuurde zijn helpers weg. Ook met hun hulp zou hij niet sneller omhoog komen vandaag. Met een achterstand van bijna 18 minuten verdween de hoop op de opvolging van Joop Zoetemelk in de mist van de Pyreneeën. Het wit werd geen geel, maar verbleekte jammerlijk.

Dan is er nog Rob Ruijgh. Tijdens het NK een week voor de Tour al de onvermoeibare hulp van Pim Ligthart die aan het eind van die dag het rood-wit-blauw mocht aantrekken. In deze Tour is hij onopgemerkt de beste Nederlander. Hopelijk krijgt hij de komende dagen de aandacht die hij verdient. Zeker nu de held en de favoriet in de bergen moeten afhaken.

13
jul
11

Tourtweet 10e etappe; Doping (13 juli 2011)

Bij de foto:

Aan het begin van de 10e etappe gaat alle belangstelling uit naar de bus van Katoesja. De ploeg van de waarschijnlijk eerste dopingzondaar van deze Tour; Alexandr Kolobnev. Hij is betrapt op het gebruik van HCT. Dit is zelf geen doping, maar wordt vaak genomen om het gebruik van doping te maskeren. Het is een vochtafdrijvend middel om eventuele doping zo snel mogelijk uit te plassen. In afwachting van de contraexpertise houdt de Rus vast aan zijn onschuld.

Doping en de Tour de France zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Lucien van Impe was in 1976 de laatste winnaar die tijdens zijn carrière nooit in verband is gebracht met verboden middelen. Sommigen werden als winnaar betrapt, anderen gaven later het gebruik ervan alsnog toe. Mocht later blijken dat Lance Armstrong nooit doping heeft gebruikt, dan wordt zijn prestatie alleen maar groter, omdat iedereen achter hem wel zou hebben gebruikt.

Het bekendste dopinggeval is ongetwijfeld Tommy Simpson. Op de flanken van de Mont Ventoux overlijdt hij aan een combinatie van amfetamine, alcohol en teveel zon. Ook Neerlands beste wielrenner, Joop Zoetemelk werd twee keer op doping betrapt. De straffen waren in die tijd nog niet zo streng. In 1979 kreeg hij wegens het gebruik van anabolen steroïden een tijdstraf van 10 minuten. Dankzij zijn voorsprong op de nummer drie, kwam de tweede plaats hierdoor niet eens in gevaar.

Enkele andere beroemde dopingzondaars:

Gert-Jan Theunissen: Betrapt op een te hoog testosterongehalte. Hij houdt tot op de dag van vandaag vol dat dit bij hem van nature aanwezig is.

Michael Rasmussen: Werd rijdens in de gele trui in 2007 vlak voor Parijs uit de Tour gehaald.

Floyd Landis: Hem werd de touroverwinning van 2006 afgenomen. Hij heeft nog geprobeerd dit noodlot af te wenden, door veel van zijn collega’s te beschuldigen van dopinggebruik. Onder hen Lance Armstrong.

Bjarne Riis: Bekende jaren later dat hij de Tour van 1996 niet ‘schoon’ heeft gewonnen.

Alberto Contador: Zijn Tourzege van 2010 staat nog steeds ter discussie. Klopt zijn verhaal van de besmette Spaanse biefstuk?

Dit lijstje kan ik veel langer maken en ik ben vast een belangrijk iemand vergeten. De vraag is wat mij betreft; ‘moet doping verboden blijven?’ Kunnen we niet veel beter, gecontroleerd en onder toezicht van goede artsen bepaalde middelen toestaan? Nu moet voor elke neusdruppel of zalfje ontheffing worden gevraagd. Die dan weer als masker kunnen dienen voor ‘echte’ doping. Sta doping toe en zie het als een dicht achterwiel of een aërodynamische helm. Het helpt de wielrenner om beter te worden. En ook: weg met het wantrouwen!

 

 

 

 

11
jul
11

Tourtweets Johnny Hoogerland (11 juli 2011)

Bij de foto’s:

Dit was het weekend van Johnny Hoogerland. Zaterdag probeerde hij nog tevergeefs zijn bolletjestrui te behouden. Een dappere poging die de maandagkrant wel zou halen, maar niet het collectieve geheugen van de tourliefhebber. Gisteren veranderde dat dramatisch. Vanaf het begin zat hij in een kopgroep van zes. Zijn enige doel; het terugveroveren van de zaterdag afgestane bolletjestrui.

Na een verloren sprint op de Col du Pas de Peyrol van de 2e categorie raakte hij in de afdaling ook nog eens achterop. Even slipte hij zelf, maar had hij het geluk dat er niemand anders in zijn buurt fietste. Met veel moeite stuurde hij zijn fiets langs de vangrails (Ironisch genoeg op dezelfde plek waar drie minuten later Vinokoerov en van den Broeck de belangrijkste slachtoffers werden van een grote valpartij in het peloton). De volgende klim begon Hoogerland met een achterstand van bijna een minuut. Met elke pedaalslag kwam hij echter seconden dichterbij. Toen Voeckler, die zich al rijk rekende, voor de derde keer omkeek, zag hij tot zijn schrik Hoogerland weer aanpikken. Tot overmaat won hij de volgende sprint om de bergpunten ook nog van de Fransman. In de daarop volgende afdaling werd tussen beide renners dan ook een afspraak gemaakt. Hoogerland zou voor de bolletjestrui gaan en Voeckler zou de gele trui proberen te bemachtigen. De enige voorwaarde was; samenwerking. En die samenwerking was er. De voorsprong van de kopgroep stabiliseerde op ongeveer 4.40 minuten.

Tot ongeveer 35 kilometer voor de meet. Een auto van de Franse televisie wil de kopgroep inhalen maar ziet een overstekende boom over het hoofd. De chauffeur geeft een ruk naar rechts en de auto tikt Flecha van zijn fiets. Deze raakt Voeckler licht, maar die kan op zijn fiets blijven zitten. De schuin achter de Spanjaard rijdende Hoogerland wordt echter gelanceerd en belandt met fiets en al in het prikkeldraad dat de weg scheidt van het weiland. Het is een wonder om een paar minuten later Hoogerland weer op de fiets te zien zitten. Pas uren later weten we dat de broek die hij dan aan heeft, nieuw is. Zijn eigen broek hangt nog in reepjes aan het prikkeldraad. Al rijdend worden zijn knieën verbonden. Alleen aan zijn rijden is te zien dat hij ook elders pijn heeft. Hij komt uiteindelijk met een achterstand van meer dan een kwartier over de finish. Daar wordt hij opgevangen door zijn vader. Samen vertrekken ze richting podium. Daar neemt hij met tranen in de ogen de bolletjestrui in ontvangst. Daarna mag hij pas naar het ziekenhuis om drieëndertig hechtingen in ontvangst te nemen. In het daaropvolgende interview vanuit de ploegleidersauto, gehuld in ziekenhuisrokje en witte verbandbenen, toont hij zich strijdlustig en barmhartig. Hij stapt dinsdag weer op de fiets en de automobilist deed het ook niet expres. Johnny Hoogerland hoort definitief in het rijtje Wim van Est, Jan Janssen, Joop Zoetemelk, Hennie Kuiper en Kenny van Hummel thuis.Een held is geboren.

07
jul
11

Tourtweet bij de foto: 5e etappe (7 juli 2011)

Bij de foto;

De gehavende Tom Boonen klampt aan bij ploeggenoot Addy Engels. Deze probeert zijn kopman voor de tijdslimiet binnen te loodsen. Ruim dertien minuten na de winnaar van de 5e etappe, de Brit Cavendish, komen zij over de finish. Op tijd.

“Valpartijen horen bij de Tour,” hoor ik mijn minst favoriete tourcommentator zeggen. Ze komen veel voor. Of ze er ook bijhoren vraag ik mij af. Veel valpartijen zijn volgens mij vermijdbaar. Minder renners over Frankrijks groene wegen. Waar rare rotondes en verkeersdrempels vaak verantwoordelijk zijn voor een toename van de vermijdbare valpartijen. De altijd aanwezige hektiek. Waar is de wandeletappe gebleven? Twee man met twaalf minuten voorsprong en de rest die strijdt om de kruimels. Zelden komt het nog voor.

“Vroeger was alles beter.” Is dat wel zo? De kijker krijgt nu elk beeld van de renners te zien. Van start tot finish. Van plas tot eindspurt. Daardoor vallen de tuimelingen ook meer op. Decennia geleden hoorden wij pas van valpartijen als het echt dramatisch was. De kleine valpartijen bleven buiten beeld.

“Zeventig meter viel ik diep, mijn hart stond stil, maar mijn Pontiac liep …” werd zelfs een marketingslogan na de valpartij van Wim van Est. De eerste Nederlandse gele truidrager kwam 60 jaar geleden in de afdaling van de Aubisque in een ravijn terecht. Met aan elkaar geknoopte fietsbanden werd hij redelijk ongeschonden naar boven getakeld.

Andere valpartijen liepen minder goed af. De bekendste is natuurlijk die van Fabio Casartelli in 1995. In de afdaling van de Portet d’Aspet kwam hij dodelijk ten val. Dit was pas de tweede dodelijk val in de Tour. In 1935 was de Spanjaar Francisco Cepeda vlakbij Bourg d’Oisans zwaar ten val gekomen. Drie dagen later overleed hij aan het bij de val opgelopen hoofdletsel.

Er zijn echter ook valpartijen die carrières hebben geknakt. Een van de grootste Franse talenten uit de 50-er en 60-er jaren, Roger Riviere kwam in 1960 zo zwaar ten val dat hij de rest van zijn leven verlamd was.  Hier vind je een overzicht van enkele opmerkelijke valpartijen in de Tour de France.

Ik wil hier ook een valpartij noemen die niet in de Tour plaatsvond. Die van Joop Zoetemelk in 1974 in de Midi Libre. In de kracht van zijn carrière was hij bijna een jaar uitgeschakeld. Vele kenners zijn ervan overtuigd dat hij na de overwinning in Parijs-Nice dat jaar, de Tour ook zou gaan winnen. En daar waarschijnlijk de komende jaren zou gaan heersen. Hij kwam weliswaar sterk terug, maar pas in 1980, dankzij de overstap naar de Ploeg Post, wist hij zijn enige Tour te winnen. Zijn bijnaam ‘Eeuwige Tweede’ werd hierdoor ook een beetje een geuzennaam.

Hopelijk is de valpartij van gisteren waarbij Robert Gesink gewond raakte niet beslissend. En krijgt na Jan Janssen in 1968 en Joop Zoetemelk  in 1980 Nederland eindelijk weer een tourwinnaar.

04
jul
11

Tourtweet bij de foto; 2e etappe (4 juli 2011)

Bij de foto:

Team Saxo Bank Sungard. Binnen het huidige systeem is de ploegentijdrit de meeste eerlijke vorm van wielrennen.

De meeste ploegen zijn zo samengesteld dat een renner op verschillende terreinen drie weken lang kan worden geholpen. Om die ene renner zo hoog mogelijk in Parijs te laten eindigen. Bij de Rabobank-ploeg rijdt iedereen in dienst van Robert Gesink. Heel Nederland hoopt dat hij de opvolger wordt van Joop Zoetemelk die als tweede en laatste Nederlander in 1980 de Tour won (Twaalf jaar daarvoor was Jan Janssen in 1968 de eerste Nederlandse Tourwinnaar). Dit jaar zijn er zelfs geen echte sprinters meegegaan om op het vlakke een etappezege te boeken.

In een tijdrit is de wielrenner op zichzelf aangewezen. Kan hij nergens even bijkomen. Nooit blijven plakken in de slipstream van een concurrent. Maar kan hij ook niet de hulp inroepen van een ploeggenoot. Deze hulp van ploeggenoten maakt de ploegentijdrit tot de eerlijkste vorm van wielrennen binnen het huidige ploegensysteem. Als het weer tenminste niet verandert.

01
jul
11

TOURtweet bij de foto; Joop 1980 (1 juli 2011)

Bij de foto:

Joop in de gele trui op de Champ Elyssees in 1980. Op de achtergrond een glimmende Dries van Agt, de toenmalige premier van Nederland.




Archief

Tweets


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.538 other followers