Auteur Archief voor

14
mei
12

Campbell’s Soup – Andy Warholl (1962)

Populaire Blikken

Ik heb iets tegen blikken. Jarenlang deed ik mee aan de moeilijkste puzzel die Nederland rijk is, de King William Trouw Test. In de beginjaren was er altijd een vraag over blikken. Beschuitblikken, cacaoblikken, koekblikken. Weliswaar geen soepblikken, maar ik kan eigenlijk geen blik meer zien. Nou wordt dat steeds eenvoudiger. Steeds minder producten worden in blik verkocht, zelfs soep zit tegenwoordig in een pak of een zak.

Popart

In de jaren ’50 kwam in de VS en Europa de Pop-art op. Een pretentieloze manier van kunstmaken waarbij vooral alledaagse voorwerpen een hoofdrol speelden. Daarmee zette deze kunstvorm zich duidelijk af tegen stromingen als het abstract expressionisme*. Zo blies Roy Lichtenstein onderdelen van een strip op tot enorme proporties. Zodat zelfs het kleinste raster als vette punten zichtbaar werd.

De Zweeds-Amerikaanse beeldend kunstenaar Claes Oldenburg deed hetzelfde met dagelijkse gebruiksvoorwerpen. Iedereen kent wel de meer dan levensgrote blauwe troffel die de beeldentuin van het Kröller-Müller museum staat.

Andy Warhol 

Verreweg het bekendst is wellicht Andy Warhol. Dit komt waarschijnlijk ook door zijn flirt met die andere populaire kunstvorm, de popmuziek. Het bekendst is zijn samenwerking met de Velvet Underground van Lou Reed en de zijnen. Daarnaast had hij contact met veel andere muzikanten en dan met name op het gebied van hoesontwerpen. Zo ontwierp hij de hoes van ‘Sticky Fingers’ van de Rolling Stones. Een misverstand is dat hij ook verantwoordelijk is voor hun wereldberoemde tong die op datzelfde album voor het eerst te zien is. Dat is een ontwerp van een zeker John Pasche.

Iconische beroemdheden

Ook het vereeuwigen van personen op zogenaamde zijdedrukken heeft hem veel bekendheid bezorgd. Wie kent niet de iconisch beeltenissen van Marilyn Monroe. Iets minder beroemd zijn de ‘Regerende Koninginnen’ uit 1985. Naast onze eigen Koningin Beatrix zien we daar Koningin Elizabeth van het Verenigd Koninkrijk, Koningin Margrethe II van Denemarken en Koningin Ntombi laTfwala van Swaziland.

32 smaken soep

Maar het begon allemaal met de soepblikken. Zoekend naar een eigen stijl binnen de popart schilderde hij in precies 50 jaar geleden 32 varianten van Campbell’s soup. De enige variatie zat hem in de smaak. Verder waren het allemaal dezelfde roodwitte blikken. Niet iedereen kon deze vorm van kunst waarderen. Galeriehouders in New York wilden er niets van weten en Andy Warhol week uit naar San Francisco. Een concurrerende galeriehouder daar zette echte blikken in de etalage en verkocht die voor 20 cent per stuk!

15 minuten beroemd 

Dit alles maakte Warhol niet zoveel uit. Als hij maar beroemd werd. Al wilde hij liever wel langer dan 15 minuten beroemd zijn. Want dat zou iedereen al worden getuige zijn uitspraak: “In the future everyone will be famous for fifteen minutes”

* Het schilderij Orange,Red,Yellow van een van haar vertegenwoordigers, Mark Rothko leverde begin mei op een veiling 86,9 miljoen dollar op.

08
mei
12

Waarom Eddy Merckx de Giro van 1969 verloor

Met een kater werd de wielerwereld die ochtend wakker. Met één been nog in bed kreeg Eddy Merckx op 2 juni 1969 te horen dat hij vanwege een positieve urinestaal niet meer mocht starten. De avond daarvoor was de klassementsleider na afloop van de zestiende etappe op doping gecontroleerd. Volgende op een rustdag was het een gewone etappe geweest, waarin de Belg geen noemenswaardig krachtsinspanningen had hoeven leveren. Hij eindigde op plek 36, dat was ruim voldoende om de roze trui om de schouders te mogen houden.

Geschokt
De rest van de karavaan reageerde geschokt. Voor het eerst werd iemand nog tijdens de Giro uit de strijd gehaald. Het jaar daarvoor werden ook enkele renners betrapt, maar die werden na afloop van de Ronde van Italië voor een maand geschorst. Onder hen toen de Italiaan Felice Gimondi. Diezelfde Gimondi mocht die juniochtend van 1969 het roze aantrekken, dat een official in alle vroegte uit de kamer van Merckx had meegenomen.

Reputatie te grabbel
Dezelfde dag begonnen de volgers van de ronde al te twijfelen. Hoe kon iemand met het statuur van Eddy Merckx op deze manier zijn reputatie te grabbel gooien? Hij was die Giro al zeven keer eerder gecontroleerd en elke keer met een negatief resultaat. Waarom zou hij in zware etappes geen doping gebruikt hebben en in die onbelangrijke etappe van Parma naar Savona plotseling wel? Was er sprake van een samenzwering?

Stapvoets vertrek
De renners stonden achter Eddy Merckx. Enkelen van hen probeerden zelfs nog een staking te organiseren. Stapvoets vertrok het peloton alsnog om iets later halt te houden voor het hotel waar de ploeg van Merckx die nacht had geslapen. Met dit hart onder de riem verliet Merckx samen met zijn ploeggenoten later die dag Italië.

Klacht bij Italiaanse justitie
“Ik heb alles nog eens gepoogd te reconstrueren,” zei Merckx bij aankomst in Brussel. “Maar ik kan mij niets herinneren waarbij ik iets ingenomen zou hebben dat van anderen afkomstig zou zijn. Geen slok water zelfs. Ik pak nooit iets aan van mensen onderweg.” Met deze woorden wees hij impliciet het beschuldigende vingertje naar de organisatie. Hij overwoog dan ook een klacht bij de Italiaanse justitie neer te leggen. Daarbij geholpen door Felix Levitan, die bang was dat Merckx niet in ‘zijn’ Tour de France zou mogen starten. Zelfs de Belgische politiek hield zich niet afzijdig: de minister van Cultuur stuurde Merckx niet alleen een telegram om zijn deelneming te betuigen, maar drong er tevens bij zijn collega van Buitenlandse Zaken op aan in Rome aan de bel te trekken.

Handgeschreven briefje
De zaak werd helemaal bizar toen er een paar dagen later een handgeschreven briefje van een zeker Marco B. bij Il Corriere della Sera binnenkwam. ‘Eddie Merckx is onschuldig!’ begon hij. ‘Ik heb hem, geholpen door een man van wie ik alleen de voornaam Giorgio ken, gedrogeerd voor de start in Parma… en ik herhaal: Eddie Merckx is onschuldig. Marco B.’ Verder schreef hij dat hij dit had gedaan voor geld en dat die Giorgio hem een aardig bedrag had geboden. Uit angst durfde hij zijn naam niet bekend te maken en dus ook niet naar justitie te gaan. Maar daardoor werd ook de kracht van de verklaring van deze Marco B. ondermijnd. Iedereen kon zo’n briefje  sturen.

Onderzoek
Tegelijkertijd werd bekend dat Merckx zich had laten onderzoeken op doping bij de Universiteit van Milaan. Dit gebeurde een kleine twintig uur na de positieve controle. Bij dit onderzoek werd niets gevonden. Volgens de specialisten die hem in Milaan onderzochten, was dit op zijn minst opmerkelijk te noemen, zeker gezien de hoge dosis die eerder was gevonden.

Geel in Parijs
Ondanks al dit wantrouwen maakte de UCI kort na het einde van de door Gimondi gewonnen Giro bekend dat de schorsing van Merckx bleef staan. Hij mocht een maand niet starten en zou zodoende ook de Tour de France missen. Maar een paar dagen later kwam de UCI hierop terug. Zich beroepend op alle bovengenoemde twijfels en het smetteloze blazoen van de Belg werd de schorsing ongedaan gemaakt. Zodoende mocht hij toch naar Frankrijk. Een van de renners die het hier niet mee eens was, was onze landgenoot en winnaar van de Tour van 1968, Jan Janssen: “Er is geen enkele reden om voor Merckx, omdat hij nu toevallig Eddy Merckx is, een ontsnappingsclausule in de reglementen te zoeken.” Een maand later zou Eddy Merckx, als opvolger van Jan Janssen, in het geel Parijs bereiken.

Alle sporen gewist
In 2007 gaf Merckx toe dat hij in zijn carrière wel eens Pemoline, een op amfetamine gelijkend middel, had gebruikt. In dat licht is een krantenbericht van eind juni 1969 saillant te noemen. ‘Dopingcontrole nutteloos,’ kopte De Tijd vlak voor de Tour de France van dat jaar. Door een halve eetlepel natrium-bicarbonaat opgelost in water te slikken, zouden alle sporen van gebruikte amfetaminen binnen een uur gewist worden. Vijftig kilometer voor de finish een bidon leegdrinken was voldoende voor een negatieve dopingcontrole na afloop van de rit…

 

Dit verhaal was eerder te lezen op touretappe.nl

01
mei
12

De Venus van Milo – Alexander van Antiochia (waarschijnlijk)

Beeld van een moeder

In de prehistorie was de vrouw als drager van het nieuwe leven, de moeder en de hoeder van de mensheid. Het was in die tijd misschien nog wel riskanter om zwanger te zijn dan om op jacht te gaan naar allerlei levensgevaarlijke beesten. Voedsel was noodzakelijk, maar nageslacht was het allerbelangrijkste. In dat licht moeten wij dan ook de vele Venusbeelden uit die tijd zien. De bekendste is misschien wel de Venus van Willendorf. Een kalkstenen beeldje van een vrouw waarbij vooral de stevige benen, de uitgesproken venusheuvel, de dikke buik en de grote borsten opvallen. Verder heeft het een hoofd zonder gezicht en geen armen. Alle aandacht is gericht op de buik van de moeder waarin het nieuwe leven, de toekomst van de mensheid, groeit. Na de vondst van dit beeldje zijn er elders in Europa nog meerdere gevonden, die er allemaal ongeveer hetzelfde uitzien.

Het contrast met de Griekse en Romeinse venusbeelden lijkt groot. Het beroemdste van deze beelden is waarschijnlijk de Venus van Milo. Deze Venus voldoet veel meer aan het huidige schoonheidsideaal met een platte buik en niet al te grote borsten. Dit beeld heeft ook duidelijk een gezicht gekregen. De aandacht van de kijker is naar boven verschoven. De enige, toevallige overeenkomst tussen de Venus van Willendorf en de Venus van Milo is het ontbreken van de armen. Bij de Venus van Milo zaten die er oorspronkelijk echter wel aan. De appel die zij zeer waarschijnlijk in haar linkerhand hield maakt het contrast tussen beide venusbeelden kleiner. Zeker als we weten dat Gaia, de godin van de aarde, Hera bij haar huwelijk met Zeus een appel schonk als symbool van de vruchtbaarheid en dat in het oude Athene jonggehuwden bij het betreden van het bruidsvertrek eerst een appel aten. Ook de Venus van Milo is een verbeelding van de Moeder, nu met ruimte en aandacht voor uiterlijke schoonheid.

In de loop van de eeuwen komen we de Venus steeds weer tegen. Niet alleen in beelden, ook op schilderijen. Het beroemdst is waarschijnlijk ‘De Geboorte van Venus’ van Botticelli. Ook minder bekende schilders verwijzen soms naar de bekendste Venus. Zo zien we in het schilderij ‘Ochtendtoilette’ van de Deense schilder Christoffer Wilhelm Eckersberg duidelijk de gespiegelde rug van de Venus van Milo. Helaas ontbreekt hier de appel. Vrij recent slaagde de Britse kunstenaar Marc Quinn erin de beide Venussen te combineren. In zijn beeld van de zwangere Alison Lapper, dat tijdelijk de Fourth Plinth op Trafalgar Square sierde, ontmoeten de Venus van Willendorf en de Venus van Milo elkaar.

23
apr
12

De Bom – Doe Maar (De Koude Oorlog in de jaren ’80)

 DE KOUDE OORLOG (De jaren ’80)

Terwijl ik ‘De Bom’ van Doe Maar hoor, besef ik mij dat ik een weddenschap heb gewonnen. Ik weet niet meer wat de inzet was, maar de weddenschap ging tussen mij en een jaargenoot van mijn studie, Dick. Hij was er in 1985 stellig van overtuigd dat de wereld binnen 25 jaar ten onder zou gaan aan oorlogen. Geen oorlogen van man tegen man en tank tegen tank, maar oorlogen die met atoomwapens zouden worden beslecht. Met als resultaat verlies voor alle partijen. Dick zal waarschijnlijk blij zijn dat hij deze weddenschap heeft verloren, winst voor alle partijen.

De Koude Oorlog tussen Oost en West kende twee echte vorstperioden. De eerste was rond de Berlijnse Muur en de Cuba-crisis begin jaren ‘60 en de tweede viel in eind jaren ’70 begin jaren ’80. De Sovjet-Unie was in de tweede helft van de jaren ’70 begonnen met de plaatsing van de zogenaamde SS20 raketten met kernkoppen. Deze raketten konden niet de VS bereiken, maar wel alle NAVO-partners in Europa. Daarom werd als reactie in 1979 het zogenaamde NAVO-dubbelbesluit genomen. Dit hield in dat er bijna 600 kruisvluchtwapens in Europa zouden worden gestationeerd. Tegelijk met de stationering zouden de VS de Sovjet-Unie het aanbod doen om over beperking van deze wapens te onderhandelen. Vandaar de naam ‘dubbelbesluit.’ Dit besluit betekende dat er ook 48 Tomahawk kruisraketten in Nederland zouden worden geplaatst.

Vanwege de maatschappelijke onrust die dit besluit veroorzaakte durfden twee kabinetten van Agt geen definitieve beslissing* te nemen over daadwerkelijke plaatsing. Die onrust kwam het duidelijkst naar buiten tijdens twee enorme anti-kernwapendemonstraties in 1981 en 1983. Tijdens de demonstratie van 29 oktober 1983**, met meer dan een half miljoen demonstranten de grootste uit de Nederlandse geschiedenis, vervulde ik mijn militaire dienstplicht. Hier ondervond ik aan den lijve de angst voor de Sovjet-Unie bij de beroepsmilitairen. Ik herinner mij de discussies die ik als anti-autoritaire soldaat had met mijn sergeant-majoor. Hij was er stellig van overtuigd dat de Sovjet-Unie uit was op communistische wereldheerschappij. Ik probeerde hem er, uiteraard tevergeefs, van te overtuigen dat dit een achterhaald denkbeeld was. Maar zijn denkbeeld beperkte zich niet tot de kazernes. Veel mensen waren bang dat binnen afzienbare tijd de bom zou vallen, ook al had men soms liever een Rus in de keuken dan een raket in de achtertuin. Dit angstbeeld werd versterkt door onder andere de inval van de Sovjet-Unie in Afghanistan, het mislukken van de Solidariteits-beweging van Lech Walesa in Polen en het Star Wars-programma van Ronald Reagan. Doe Maar wist dit tijdsbeeld mooi te vangen in ‘De Bom’.

De Bom – Doe Maar

Carriere maken (voordat de bom valt)

Werken aan m’n toekomst (voordat de bom valt)

Ik ren door m’n agenda (voordat de bom valt)

Veilig in het ziekenfonds (voordat de bom valt)

En als de bom valt

refr.:

    Dan lig ik in m’n nette pak

    Diploma’s en m’n cheques op zak

    Mijn polis en mijn woordenschat, awoei

    Onder de flatgebouwen van de stad naast jou

    Laat maar vallen dan

    Het komt er toch wel van

    Het geeft niet of je rent

    ‘k Heb jou nooit gekend

    ‘k Wil weten wie jij bent

    ‘k Wil weten wie jij bent

Ik ben verzekerd van succes, tegen brand en voor m’n leven (voordat de bom valt)

Ik heb van alles maar geen tijd ook niet voor heel even (voordat de bom valt)

Ik moet aan m’n salaris denken en aan mijn relaties (voordat de bom valt)

Maar liever weet ik wie jij bent voordat het te laat is (voordat de bom valt)

Want als de bom valt

refr.

Laat maar vallen dan

Het komt er toch wel van

Het geeft niet of je rent

‘k Heb jou nooit gekend

‘k Wil weten wie jij bent

‘k Wil weten wie jij bent

Jij moet nog huiswerk maken (voordat de bom valt)

Een diploma halen (voordat de bom valt)

E is mc kwadraat (voordat de bom valt)

Mit nach nebst naechts samt bei seit von zu zuwider entgegen ausser aus

(voordat de bom valt)…

* Pas in 1985 zou het kabinet Lubbers besluiten dat de 48 kruisraketten in Woensdrecht geplaats zouden worden. Tot daadwerkelijke plaatsing is het nooit gekomen vanwege het zogenaamde INF-verdrag tussen de VS en de Sovjet-Unie.

** Ik heb tijdens deze demonstratie niet in mijn militaire uniform meegelopen. Dit in tegenstelling tot enkele van mijn  collega’s. Ik vond dat ik als individu aan deze demonstratie deelnam en niet als afgevaardigde van de Nederlandse Landmacht. Ook hierover werd uiteraard uitgebreid gediscussieerd.

Andere nummers over de Koude Oorlog in de jaren ’80

Russians – Sting  (dank aan @dalvoorde)

Two Tribes – Frankie Goes To Hollywood  (dank aan @dalvoorde)

Fight fire with fire – Metallica (dank aan @dalvoorde)

Everybody wants to rule the world – Tears for Fears (dank aan @HilkeTol & @Pletspulp)

Every day is like sunday – Morrissey (dank aan @HilkeTol)

Eighth day – Hazel O’ Connor  (dank aan @HilkeTol)

De bom valt nooit  – Herman van Veen (dank aan @Pletspulp)

Forever Young – Alphaville (dank aan @Pletspulp)

Nikita – Elton John (dank aan @fdlk)

Political Science – Randy Newman (dank aan @fdlk)

16
apr
12

De Barcelona-stoel – Ludwig Mies van der Rohe & Lilly Reich

Less is More

De Europese puinhopen van na 1918 waren een ideaal uitgangspunt. Om helemaal opnieuw te beginnen. Geen poespas en tierlantijnen, maar eerlijk en abstract. Less is more werd in de kunst en in de architectuur voor veel vernieuwers het motto. Zo ook voor de Duitser Ludwig Mies van der Rohe. Verbonden aan het beroemde Bauhaus rekende hij af met het overbodige in de architectuur. Zowel het huis als haar interieur straalde eenvoud uit in al zijn facetten.

Voor de Wereldtentoonstelling van 1929 in Barcelona had Mies van der Rohe zijn beroemde paviljoen ontworpen. Direct na de tentoonstelling weer afgebroken, is het in de jaren ’80 op ongeveer dezelfde lokatie weer herbouwd. Toen ik daar een paar jaar geleden was, werd ik overdonderd door de spectaculaire eenvoud. Een paar wanden van luxe natuursteen, een plat dak, veel glas en een ondiepe vijver. Dit geeft het gebouw zoveel ruimte dat het veel groter lijkt dan het in werkelijkheid is. Ook het interieur is sober. Het beeld ‘Der Morgen’ van Georg Kolbe en een paar stoelen. Met voetenbankje. Maar dit zijn niet zomaar stoelen, het is de Barcelona-stoel. Volgens Tom Wolfe in zijn boek ‘Van Bauhaus tot ons huis’; “Het Platonische ideaal van de stoel; puur arbeiderswoning-leer en roestvrij staal, het meest volmaakte meubelontwerp van de twintigste eeuw.”

Hier kan ik met het verhaal stoppen. Vaak gebeurt dat ook want ook de kunstwereld is grotendeels een mannenwereld. Kijk maar naar de kunstenaars op mijn blog. Bijna allemaal mannen. Bijna, want misschien zijn de echte makers van het tapijt van Bayeux wel vrouwen geweest, maar we kennen hun namen niet en zullen het dus nooit zeker weten. Bij de Barcelona-stoel ligt dat anders. Die is niet alleen het product van Ludwig Mies van der Rohe, maar ook van een vrouw, Lilly Reich.

Van 1925 tot 1938 werkten Lilly en Ludwig nauw samen. Zij zorgde voor de inrichting van woningen die Mies van der Rohe ontwierp en samen waren zij in 1929 verantwoordelijk voor het tot stand komen van de Duitse bijdrage aan de Wereldtentoonstelling in Barcelona. Samen ontwierpen zij de Barcelona-stoel. Toen Mies van de Rohe een jaar later directeur werd van Bauhaus, werd zij de enige vrouwelijke docent daar. In 1933 werd Bauhaus opgeheven, omdat de kunst waarin werd gedoceerd als ontaard werd beschouwd door de Nazi’s. Een paar jaar later zou Mies van der Rohe naar de Verenigde Staten emigreren. In 1939 was Reich een paar weken in Amerika op bezoek bij Mies van der Rohe. Omdat hij niet erg voortvarend probeerde haar over te halen om ook Duitsland vaarwel te zeggen, keerde zij terug naar haar vaderland. In de oorlog onderhield zij nog wel een uitgebreide correspondentie met Mies van der Rohe, maar zij zouden elkaar nooit meer zien. Wel is zij er verantwoordelijk voor dat het grootste deel van het persoonlijke archief van Mies van der Rohe dat nog in Duitsland was, bewaard is gebleven. Toen de geallieerde bombardementen op Berlijn begonnen, heeft zij alles in veiligheid gebracht op een boerderij buiten de hoofdstad. De laatste twee jaar van de oorlog zat zij gevangen in een werkkamp. Na de oorlog wilde zij de Deutsche Werkbund nieuw leven inblazen. Dit nieuwe leven heeft zij helaas niet meer mogen meemaken. In 1947 overleed zij op 62-jarige leeftijd.

De stijl van Mies van der Rohe en de zijnen was ondertussen aan een grote vlucht bezig. De verhuizing naar Amerika wierp zijn vruchten af. De architectuur van de ‘Internationale Stijl’, werd leidend tot diep in de jaren ’70. Elke architectuurstudent in die jaren had op zijn kleine kamertje een matras op een deur met bakstenen als poten en een molton deken. Op de grond lag een sisalmat en aan weerszijden van die mat stonden twee stoelen. Twee Barcelona-stoelen.

09
apr
12

The Foggy Dew – o.a Sinead O’Connor & The Chieftains

The Foggy Dew

As down the glen one Easter morn to a city fair rode I 

There Armed lines of marching men in squadrons passed me by 

No fife did hum nor battle drum did sound it’s dread tatoo 

But the Angelus bell o’er the Liffey swell rang out through the foggy dew 

Right proudly high over Dublin Town they hung out the flag of war 

‘Twas better to die ‘neath an Irish sky than at Sulva or Sud El Bar 

And from the plains of Royal Meath strong men came hurrying through 

While Britannia’s Huns, with their long range guns sailed in through the foggy dew 

‘Twas Britannia bade our Wild Geese go that small nations might be free 

But their lonely graves are by Sulva’s waves or the shore of the Great North Sea 

Oh, had they died by Pearse’s side or fought with Cathal Brugha 

Their names we will keep where the fenians sleep ‘neath the shroud of the foggy dew 

But the bravest fell, and the requiem bell rang mournfully and clear 

For those who died that Eastertide in the springing of the year 

And the world did gaze, in deep amaze, at those fearless men, but few 

Who bore the fight that freedom’s light might shine through the foggy dew 

Ah, back through the glen I rode again and my heart with grief was sore 

For I parted then with valiant men whom I never shall see more 

But to and fro in my dreams I go and I’d kneel and pray for you, 

For slavery fled, O glorious dead, When you fell in the foggy dew.

 DE PAASOPSTAND

Ierland is het meest katholieke land van West-Europa. Dat zien we helaas ook terug in hun bloedige geschiedenis waarin katholieke feestdagen figureren. Bloody Sunday is misschien wel het beroemdst. Ierland heeft er maar liefst drie van. Het keerpunt in haar geschiedenis heeft dan ook de mooiste naam van allemaal, de Paasopstand.

De strijd voor onafhankelijkheid van het groene, katholieke eiland, dat al eeuwen duurde bereikte een voorlopig hoogtepunt tijdens Pasen 1916. De Ieren zien deze opstand graag als een heroïsche strijd tegen de bezetter. Volgen veel historici was er geen sprake van een revolutie maar van een bloedoffer. Een mooiere parallel is haast niet denkbaar op Pasen.

De Paasopstand was op voorhand tot mislukken gedoemd. Op tweede paasdag, 24 april 1916 bezetten de aanhangers van twee groepen Ierse rebellen terwijl de klok het angelus luidde, belangrijke plekken in het centrum van Dublin. Het ging hier om ongeveer 800 man van de Irish Volunteers onder leiding van Patrick Pearse en onder andere Cathal Brugha aangevuld met 250 man van het Irish Citizen Army van James Connoly en nog eens 200 vrouwelijke leden van Cumann na mBan. Vanuit hun hoofdkwartier, het Hoofdpostkantoor (GPO) riepen zij in de Proclamation de onafhankelijke Ierse Republiek uit.

Het antwoord van de Britten was duidelijk. Hoewel de loopgravenoorlog in Noord-Frankrijk en België in volle gang was, werden bijna 5000 militairen naar Dublin gestuurd. Gesteund door 1000 agenten werd de opstand met geweld neergeslagen. Mitrailleurs, geschut op gepantserde wagens en gewoon geweervuur, ook nog een geholpen door vuursteun vanaf Britse oorlogsbodems op de Ierse Zee, bestookten de opstandelingen in het Hoofdpostkantoor onophoudelijk. Een kleine week en honderden doden later was de opstand dan ook al ten einde. De hoofdrolspelers kwamen voor de krijgsraad en werden in mei van hetzelfde jaar al geexecuteerd. Een van de weinige leiders die het vuurpeloton bespaard was gebleven was Eamon de Valera. Hij had het geluk dat hij officieel een Amerikaans staatsburger was. Om de relatie met de VS niet te schaden, Groot-Brittannië hoopte op deelname van haar voormalige kolonie aan de Eerste Wereldoorlog, werd zijn doodstraf omgezet in een levenslange gevangenisstraf. Al in 1917 kwam hij vrij.

De Valera werd leider van Sinn Fein. Deze van oorsprong monarchistische partij was omgevormd in een republikeinse partij omdat na de mislukte Paasopstand veel opstandelingen lid werden van de partij. Van de oude Sinn Fein was weinig meer over. Deze ‘nieuwe’ Sinn Fein won ik 1918 met overmacht de verkiezingen en de Valera richtte een Iers parlement, Dail Eirann op. Toen deze in 1919 illegaal werd verklaard door de Britten begon de Ierse Burgeroorlog. Dit ontaardde in een meedogenloze oog-om-oog en tand-om-tand strijd. Elke actie van de Ieren werd gewroken door de Britten. Zij hadden daarvoor speciale troepen, The-Black-and-Tans naar Ierland gestuurd. Berucht geworden is Bloody Sunday op 21 november 1920.

De Ieren onder leiding van Michael Collins, die de plaatsvervangend bevelhebber was van de Ieren omdat de Valera in de VS was om geld voor de strijd in te zamelen, doodden die dag 14 Britten. Als wraakactie trokken de Black-and-Tans naar Croke Park. Tijdens de Gaelic Football wedstrijd die bezig was, vuurden zij op spelers en publiek. Een speler, Michael Hogan en dertien toeschouwers vonden de dood. Meedere Bloody Sundays zouden nog volgen in Ierland.

In 1921 werd er een bestand gesloten. In plaats van zelf naar Londen te gaan, stuurde De Valera zijn rechterhand Michael Collins om te onderhandelen over autonomie en onafhankelijkheid. Het resultaat was een verdeeld Ierland. Het zuidelijke deel werd eerst een Vrijstaat (en pas veel later de Republiek Ierland (1949)). Het noordelijke deel (Ulster) bleef onderdeel van het Verenigd Koninkrijk. Sinn Fein raakte hierdoor zo verdeeld dat er een afsplitsing plaatsvond. Michael Collins werd al een verrader in een hinderlaag vermoord. De afgesplitste partij, Fainna Fail onder leiding van de Valera is sindsdien de leidende partij in Ierland. In beide Ierlanden (Vrijstaat en Republiek) was De Valera korte en langere tijd president. Sinn Fein werd een onbetekenende partij en kwam pas weer in beeld tijdens de ‘Troubles’ in Noord-Ierland als vermeende politieke tak van de IRA. Uit de nalatenschap van Michael Collins zou in 1933 de tweede politieke partij van Ierland, Fine Gail worden opgericht.

Er is gelukkig ook een katholieke feestdag met een positieve annotatie in de Ierse geschiedenis. Op 10 april 1998 werd het Goede Vrijdag-akkoord gesloten. Een staakt het vuren van de strijdende partijen in Noord-Ierland dat een einde moest maken aan eeuwen strijd. De IRA en ook Sinn Fein zouden vanaf dat moment trachten via onderhandelen het Zuiden en het Noorden te herenigen.

Met dank aan @RobStolze voor de keuze van Foggy Dew.

Andere songs over de Paasopstand:

Rebel Heart – The Corrs (dank aan velen)

The Boys of the Old Brigade – Wolf Tones 

Oro Se Do Bheatha Bhaile - Sinead O’Conner, (dank aan @rjkoopmans)

Rifles of the I.R.A. – Wolfe Tones. (dank aan @rjkoopmans)

Black 47 – The Big Fellah (dank aan @deereszet)

Michael Collins – Wolfe Tones (dank aan @deereszet)

Andere versies van Foggy Dew:

DublinersClancy BrothersWolfe Tones en Luke Kelly

26
mrt
12

Het Tapijt van Bayeux (± 1070)

Afbeelding

Afbeelding

Tapijt van Bayeux

1997. Het is nog winter en kraakhelder. Van de haven fietsen wij over Terschelling naar de boerderij waar wij met enkele vrienden het weekend zullen doorbrengen. De waddeneilanden zijn in ons vrijwel overal overbelichte land de plek om naar de sterren te kijken. Tijdens de fietstocht kijk ik dan ook geregeld omhoog. Ik ben verbaasd als ik een ster zie met ‘iets eraan’. Even twijfel ik aan mijn bril, maar als ik mijn reisgenoten op de ster attent maak, weet één van hen mij te melden dat dit de komeet van Hale-Bopp is. Die ochtend heeft er een uitgebreid artikel in de krant over gestaan. Maandenlang kijk is elke heldere avond omhoog. De ster met ‘iets eraan’ is een vertrouwd beeld geworden.

Een paar maanden later loop ik met diezelfde vrienden langs het immense tapijt van Bayeux. In eerste instantie vond ik de hoogte wel iets tegenvallen. In mijn gedachten was het tapijt meters hoog, maar het is vooral de lengte van 70 meter die het imposant maakt. Het tapijt verhaalt in allemaal kleine vertellingen het grote verhaal van de verovering van Engeland door Willem de Veroveraar in 1066. Halverwege is er duidelijk een ‘ster met een staart’ zichtbaar. Dit is vrijwel zeker de ‘Komeet van Halley, waarvan later is komen vast te staan dat deze elke 76 jaar terugkeert.* In die tijd werden kometen gezien als slechte voortekens. Natuurrampen, hongersnoden en onrust werden vaak toegeschreven aan de staartster die kort daarvoor aan de hemel was verschenen. In dit geval was er ook sprake van een slecht voorteken, voor de Engelsen tenminste. Het zou de laatste keer worden dat een invasie van de Britse eilanden succes had.**

Het tapijt is waarschijnlijk vrij kort na de verovering van Engeland vervaardigd. Sommige bronnen noemen de hofhouding rond bisschop Odo. De halfbroer van William was graaf van Kent en regeerde in naam van William als deze niet in het land was. Anderen spreken van Koningin Mathilda, de vrouw van William. In Frankrijk staat het tapijt ook wel bekend als ‘La Tapisserie de la Reine Mathilde.’ Hoe dan ook zullen beiden niet zelf met de gekleurde wol in de weer zijn geweest. In beide gevallen zijn het vast en zeker kundige handwerkslieden geweest waarvan de namen voor altijd in de mist van de cultuurhistorie verborgen zullen blijven.

In de eeuwen daarna lag het tapijt meestal keurig opgeborgen om af en toe te worden tentoongesteld. Tijdens de jaren na de Franse Revolutie van 1789 dreigde het verloren te gaan toen het door het volk werd gebruikt als kleed om militaire wagens mee af te dekken. Later gebruikte Napoleon het nog als propagandamiddel bij zijn geplande invasie van Engeland. Toen hij daarvan afzag, keerde het tapijt terug naar Bayeux. In de Tweede Wereldoorlog was het weliswaar veilig opgeborgen, maar vlak voor de bevrijding van Parijs wilde Himmler het tapijt nog veilig opbergen door het naar Berlijn te brengen. Gelukkig is dat nooit gebeurd. Eind 1945 is het na een korte tentoonstelling in het Louvre teruggekeerd naar Bayeux. Daar hangt het sindsdien in het Musée de la Tapisserie de Bayeux.

* Mark Twain werd geboren twee weken nadat de komeet van Halley in november 1835 was verschenen. Later zou hij zeggen dat hij teleurgesteld zou zijn als hij niet tegelijk met de Komeet van Halley de aarde zou verlaten, want hij was ook met haar gekomen. Op 21 april 1910, een dag voordat de komeet dat jaar de aarde het dichtst genaderd zou zijn, overleed Mark Twain aan een hartaanval.

** Volgens sommige puristen is de tocht van Willem III in 1688 naar Engeland de laatste echt geslaagde invasie. Dankzij de ‘Glorious Revolution’ werd ‘onze’ stadhouder Willem III koning van Engeland, Schotland en Ierland, nadat hij koning Jacobus had verjaagd.

PS. hieronder een leuk filmpje. Met dank aan @Touaregtweet

19
mrt
12

Strange Fruit- Billie Holiday (Lynchen en racisme in de VS)

RACISME in de VS

Strange Fruit

Southern trees bear a strange fruit,

Blood on the leaves and blood at the root,

Black body swinging in the Southern breeze,

Strange fruit hanging from the poplar trees.

Pastoral scene of the gallant South,

The bulging eyes and the twisted mouth,

Scent of magnolia sweet and fresh,

And the sudden smell of burning flesh!

Here is a fruit for the crows to pluck,

For the rain to gather, for the wind to suck,

For the sun to rot, for a tree to drop,

Here is a strange and bitter crop.                        Lewis Allan

Vreemd ooft

De bomen in het zuiden dragen vreemde vruchten

bloed op de bladeren en bloed aan de wortels

zwarte lijven bengelen in de zuiderse bries

vreemde vruchten hangen aan de populieren.

Een landelijk tafereel in het gallante Zuiden

uitpuilende ogen, verwrongen mond

de geur van magnolia zoet en fris

en dan plots de geur van brandend vlees!

Dit zijn vruchten waarvan de kraaien plukken

waarvan de regen oogst, waaraan de wind zuigt

die rotten in de zon, die vallen van de bomen

dit is een vreemd en bitter ooft.                        Karel D’huyvetters

Toen Christa Jonkergouw mij dit lied voorstelde moest ik direct aan een foto denken uit het fotoboek CENTURY. Daarin staan de meest opzienbarende foto’s van de 20e eeuw. Bij 1919 heb ik al jaren een bladwijzer zitten omdat daar wat mij betreft de meest indrukwekkende foto uit het hele boek staat. Daarop is een grote groep blanke Amerikanen rond een brandstapel te zien. Op de brandstapel ligt het verbrande lijk van de Afro-Amerikaan William Brown die kort daarvoor is gelyncht. Het meest aangrijpend vind ik het feit dat men erbij staat alsof men is gefotografeerd tijdens een dagje aan het strand. Een lynchpartij was blijkbaar de normaalste zaak van de wereld. Wat schetst mijn verbazing toen ik dit weekend de NRC opensloeg. Op pagina 4 van Opinie & Debat was een foto van diezelfde lynchpartij afgebeeld. Toeval?

Dit verhaal begint in 1861. Abraham Lincoln is net gekozen tot 16e president van de Verenigde Staten. Hij is sterk tegenstander van uitbreiding van de slavernij in de territories. Dit zijn de nieuw te vormen staten in het mid-westen van de VS. Als gevolg van dit conflict scheiden de Zuidelijke staten zich af van de rest van de VS en dit leidt tot de Amerikaanse Burgeroorlog. Na vier bloedige jaren wordt deze door de Noordelijke staten gewonnen en wordt het 13e Amendement aangenomen. Hierin staat dat de slavernij in de gehele Verenigde Staten wordt afgeschaft. Via de zogenaamde Reconstructie wil Lincoln dit met dwang gaan opleggen aan de Zuidelijke staten. Veel tijd om eraan te werken krijgt hij niet. Vijf dagen na de overgave door generaal Robert E. Lee, wordt hij vermoord. Op Goede Vrijdag 14 april 1865 schiet John Wilkes Booth hem in het Ford’s Theatre in Washington een kogel door het achterhoofd. Zijn opvolgers gaan door met de Reconstructie tot in 1877 Hayes met behulp van de Zuidelijke Staten tot president wordt gekozen. Hij trekt alle federale troepen terug uit het zuiden en stopt met de Reconstructie. In de daaropvolgende periode worden er allerlei zogenaamde Jim Crow-wetten aangenomen die de ongelijkheid tussen blank en zwart juist benadrukken. Er is weliswaar geen slavernij meer, maar het racisme viert hoogtij.

Tussen grofweg 1890 en 1915 wordt zo de discriminatie door burgers en lokale overheden van de zwarte landgenoot steeds uitgebreider gelegaliseerd. Gescheiden bus- en treinvervoer waarbij zwarten achter in de bus moeten plaatsnemen en altijd plaats moeten maken voor een blanke medepassagier, uitgaansgelegenheden die niet toegankelijk zijn voor zwarten, scholen voor alleen maar blanken. Daarnaast vinden er veelvuldig lynchpartijen plaats. De blanke bevolking neemt in zulke gevallen het recht in eigen hand, al dan niet gesteund door de witte puntmutsen van de Ku Klux Klan. Een in hun ogen schuldige zwarte Amerikaan wordt na een kort showproces opgehangen en naderhand vaak verbrand. Zo ook in 1919 in Omaha, Nebraska waar de foto uit de inleiding is gemaakt. En dat is slechts één van de meer dan twintig steden in de VS waar tijdens die ‘Red Summer of 1919’ zwarte Amerikanen worden gelyncht en verbrand.

Tegen dit soort lynchpartijen en het bijbehorende racisme komt in de latere decennia steeds meer verzet. Zo ook in 1938 in het gedicht ‘Strange Fruit’ van Lewis Allen (pseudoniem van Abel Meeropol). Nadat dit op muziek is gezet, wordt het voor het eerst uitgevoerd door Billie Holiday*. Vooral na de Tweede Wereldoorlog, die zonder de massale inzet van zwarte Amerikaanse soldaten nooit zo succesvol zou zijn beëindigt, komt het zwarte burgerrechtactivisme echt goed op gang. Personen als Rosa Parks, Martin Luther King, Malcolm X en vele anderen zorgen ervoor dat de zwarten langzaam maar zeker overal in de Verenigde Staten gelijke rechten krijgen. Is dit proces met de verkiezing van de eerste zwarte president voltooid? Nee, nog lang niet. Het feit dat de foto van een lynchpartij uit 1919 een kleine eeuw later in de krant staat, zegt meer dan genoeg.

* In ‘The Lady Sings The Blues’ claimt zij het co-auteurschap voor dit gedicht/lied. Maar dat feit is ontsponnen aan de rijke fantasie van Billie Holiday, die ook nog eens gevoed werd door overmatig drugsgebruik.

Andere nummers over lynchen en racisme in de VS:

Strange Fruit – Tragedy Khadafi, Cappadonna & Sticky Fingaz (Met heel kort Billy Holiday)(dank @RJKoopmans)

Mr. Cab Drive – Lenny Kravitz (dank @Dalvoorde)

Southern Man – Neil Young (dank @Dalvoorde)

Alabama – Neil Young (dank @Dalvoorde)

Ashes in the Fall – Race Against the Machine (dank @pletspulp)

Suppertime – Ethel Waters (dank @fzwaan & @hilketol) Heel mooi!

Enkele van de vele covers:

Nina SimoneSiouxie and the BansheesUB40,  Diana RossLou RawlsRobert WyattJeff Buckley,  Katey Sagal

13
mrt
12

De grottekeningen van Lascaux – Cro Magnon mens

DE GROT VAN LASCAUX

Ergens eind jaren ’80 was ik in Lima. Toen de eigenaar van mijn hostel hoorde dat ik uit Nederland kwam, begon hij te stralen.

“In het cultureel centrum is een tentoonstelling van ‘Bangkok’,” vertelde hij enthousiast.

“Bangkok?,” vroeg ik verbaasd.

“Si, Bangkok, el pintor holandés,” zei hij met een blik waar het medelijden met mij van afdroop.

Plots viel het kwartje. “Oh, Vincent van Gogh.” Het was te laat. De indruk dat ik een cultuurbarbaar was, kon ik niet meer wegpoetsen.

Toen ik een half uur later in een leeg cultureel centrum aankwam heb ik nog even lopen zoeken naar de tentoonstelling. Die bestond uiteindelijk uit niet meer dan twee verplaatsbare wandjes met daarop zes schilderijen van Van Gogh op postzegelformaat. Waarschijnlijk heeft geen enkele Peruviaan deze tentoonstelling van een van de beroemdste schilders ter wereld gezien. En ik gaf ze geen ongelijk.

Een zelfde gevoel overvalt mij als ik iets buiten het plaatsje Montignac tussen de bomen bij ‘Grotte de Lascaux II’ sta. Dus niet bij de originele grot, maar bij een kopie. Dit is vandaag de dag de enige mogelijkheid om de wereldberoemde grottekeningen te bekijken. Ik twijfel of ik een kaartje zal kopen, maar besluit het toch te doen. Al is het vanuit didactisch oogpunt. Om mijn dochters iets over de prehistorie bij te brengen. Ik ben positief verrast. De grot met zijn vele tekeningen is een exacte kopie van het origineel. De leek ziet het verschil met de echte tekeningen niet en alleen de vlakke bodem, ook geschikt voor rolstoelen, verraadt hier de namaak. Wel moet ik mijn dochters uitleggen waarom we niet in de echte grot kunnen.

De Grot van Lascaux werd in 1940 ontdekt zoals het in een jongensboek thuishoort. Vier jongens liepen hier met hun hondje Robot, toen deze plotseling verdween. Al zoekend ontdekten zij, overgroeid door bramenstruiken, een gat in de grond. Nadat ze met veel moeite de stekelige takken hadden weggehaald ging een van de jongens naar binnen. Hij verloor zijn evenwicht en gleed enkele meters naar beneden tot hij in een pikdonkere grot uitkwam. Gelukkig hadden zijn vrienden een kleine olielamp bij zich. Ze kwamen op zijn geroep af en bij het zwakke schijnsel van de lamp zagen zij als eersten de prachtige grottekeningen. Zij vertelden het daarna aan hun onderwijzer, de heer Laval en daarna ging het lopende vuurtje snel. Het werd ingericht als toeristische attractie en in 1948 konden de eerste bezoekers verwelkomd.

In verschillende zalen met namen als “De Gallery”, “De Grote Zaal van de Stieren” en “De Kamer van de Katachtigen” zijn honderden tekeningen te zien. Vooral van dieren zoals Oerossen, paardachtigen, herten, enkele katachtigen, een beer en een neushoorn. Daarnaast is er één mens getekend en veel geometrische figuren, zoals stippen en strepen. Heel bijzonder zijn de twee bisons die deels over elkaar zijn geschilderd. De ene is iets groter en staat schijnbaar voor de andere. Blijkbaar waren sommige van de kunstenaars in staat een vorm van perspectief te creëren.

Een veelgestelde vraag is waarom de toenmalige mens, de Cro-Magnon zoals wij deze Homo-Sapiens noemen, deze grottekeningen maakte. Daarop bestaan bijna net zoveel antwoorden.

Een hypothese is dat de jagers uit die tijd hun successen verbeelden. Zowel uit het verleden als in de nabije toekomst. Het schilderij als trofee en voorspelling. En misschien ook wel als waarschuwing. Aan de kinderen. Aan de jagers die op het punt staan om een gewaagde jacht te ondernemen.

Daarnaast wordt het soms ook als een religieuze uiting gezien. Vreemd in dat geval is, dat andere aspecten uit het dagelijks leven, zoals het landschap waarin zij leefden, vrijwel niet is afgebeeld. Geen heilige bomen of dagelijks voedsel zoals de veel voorkomende rendieren die nergens in Lascaux terugkomen.

Recent is de stelling geponeerd dat het hier om sterrenkaarten gaat. De vele stippen rond en boven de dieren zouden de prehistorische sterrenhemel representeren. Met een beetje goede wil zijn de Pleiaden en het sterrenbeeld Stier te herkennen.

Soms wordt getracht een analogie te vinden met hedendaagse ‘primitieve’ volken. Zo maken de San in zuidelijk Afrika hun schilderingen nadat zij zichzelf in trance hebben gedanst. De grottekening als hallucinatie.

We zullen nooit precies weten wat de mens toen bezielde. Maar dat maakt de fascinatie niet minder. In de jaren na de opening voor het publiek was Lascaux direct een populaire attractie. Zo populair dat al in de jaren ’50 de schilderingen beschadigd raakten. Door de uitgeademde lucht en het vocht van al die lichamen die langs de schilderingen schuurden. Dit werd zo’n bedreiging dat de grot in 1963 werd gesloten voor het publiek en alleen nog toegankelijk was voor wetenschappelijk onderzoek. Om de nieuwsgierigheid toch te bevredigen werd in 1983 Lascaux II aangelegd. Niet alle zalen werden nagemaakt, alleen “De Gallery”, “De Grote Zaal van de Stieren” zijn te bewonderen.

Blijft één vraag nog overeind. Hebben wij hier te maken met kunst? Na dit bezoek aan Lascaux II ga ik ook nog de originele schilderingen in de grotten van Pech Merle, Font-de-Gaume en Combarelles bekijken. Na het zien van zoveel moois kan ik deze vraag alleen maar met een volmondig “JA!” beantwoorden. En mijn dochters met mij.

PS. Ik heb ook alle antwoorden goed gerekend waarin andere grotten dan Lascaux werden genoemd.

04
mrt
12

No Man’s Land – Eric Bogle (over de loopgraven in de eerste wereldoorlog)

De Slag aan de Somme

De oorlog in Noord-Frankrijk en Zuidwest-Vlaanderen kwam in 1914 al snel tot stilstand. Van Nieuwpoort tot aan Pfetterhouse lag de route van het front redelijk vast. Af en toe schoof het slechts marginaal heen en weer. De Duitsers aan de ene kant en de geallieerden, voornamelijk Fransen, Belgen en Britten aan de andere kant groeven zich in om het eigen terrein tegen elke prijs te verdedigen. Plaatsen als Verdun en Ieper, rivieren als de IJzer en de Somme staan in ons collectieve geheugen symbool voor de zinloosheid van oorlog. Vanuit de loopgraven vielen beide kampen elkaar regelmatig aan. Ten koste van duizenden slachtoffers werd dan enkele meters terreinwinst geboekt. Een winst die een paar dagen later vaak alweer teniet was gedaan.

Het lied No Man’s Land van Eric Bogle gaat over de soldaat William McBride die in 1916 op negentienjarige leeftijd op het slagveld van Noord-Frankrijk het leven laat. De kans is groot dat dit op 1 juli 1916 gebeurde, de eerste dag van de Slag aan de Somme.

Langs dit deel van het front waren het vooral de Britten die tegenover de Duitsers stonden. Door de omstandigheden elders aan het front werden de Britten halverwege 1916 gedwongen hier tot de aanval over te gaan. Bij Verdun dreigden de Fransen door een overmacht aan Duitse troepen te worden overlopen. Om daar de druk van de ketel te halen moesten de Britten hier een front openen om zo Duitsers bij Verdun vandaan te halen. Het idee was simpel. Een week lang zouden de Britten de stellingen van de Duitsers onafgebroken beschieten en tevens zouden op het moment van de aanval grote onderaardse explosieven tot ontploffing worden gebracht. Daarna zouden de Britten in alle rust over het niemandsland naar de Duitse loopgraven wandelen. De Duitsers zouden grote stukken terrein verliezen en tevens manschappen bij Verdun vandaan moeten halen.

De laatste week van juni is het dan zover. Dag en nacht bestookt de Britse artillerie de Duitse stellingen. Afgesloten van de rest van de wereld zitten de Duitse infanteristen in hun schuilplaatsen. Er komen geen bevoorradingen meer, de elektriciteit is uitgevallen en de apathie slaat toe. Bij sommigen loopt het bloed door het voortdurende knallen uit de oren. Bij anderen raken de darmen dusdanig van streek met obstipatie of diarree tot gevolg. Weer anderen worden bijna krankzinnig en lopen hysterisch-lachend door de loopgraven. Zij moeten worden vastgebonden of anderszins worden uitgeschakeld om grootschalige paniek te voorkomen. Er wordt menig vuistslag uitgedeeld om waanzinnig geworden soldaten tot rust te manen. Maar dat is niet het doel van de Britten. Die hopen dat de Duitsers massaal sneuvelen zodat de weerstand later minimaal is.

Op 1 juli stopt het gebulder van de artillerie. Op sommige plaatsen ontploffen al ondergrondse explosieven. Het laatste restje Duitse schuilplaats moet zo ook worden opgeblazen. Bij het zien van de metershoge zandfonteinen krijgen de Britse soldaten het bevel hun loopgraven te verlaten en rustig het niemandsland over te steken. Na een korte wandeling moeten dan de Duitse stellingen zonder noemenswaardige weerstand worden ingenomen. Maar na een tiental meter volgt de harde werkelijkheid. Gewekt door de stilte na de beschietingen, liggen de Duitsers klaar om de vijand te weerstaan. Vanuit de hoger geleden stellingen zijn de Britse soldaten makkelijke doelwitten. Niet langer dan een paar minuten is het echt doodstil geweest. Dan ratelt het geweervuur. Mitrailleurs maaien de rechtop lopende Britse soldaten één voor één neer. Vergeefs proberen sommigen dekking te zoeken. Een kogel in de richting van de meedogenloze vijand is zinloos. Die zit daar veilig in zijn kalkstenen schuilplaats. Soms nog met last van hun darmen, maar vastbesloten de Britten geen meter verder te laten komen. Ook de tweede en derde aanvalsgolf treffen hetzelfde lot. De enkeling die het niemandsland weet over te steken, stuit op het prikkeldraad dat vrijwel nergens afdoende is vernield door de dagenlange bombardementen. Aan het eind van de dag zijn er twintigduizend dode Britse soldaten te betreuren. Een groter bewijs van de zinloosheid lijkt er niet voorhanden. Nog nooit sneuvelden er zoveel Britten tegelijk in een veldslag, zelf niet een eeuw daarvoor bij Waterloo. Maar de Britse legerleiding is overtuigd van zijn gelijk en gaat nog drie maanden op dezelfde voet door.

Wie later dit jaar over de A1 naar Parijs rijdt, moet iets ten zuiden van Arras eens goed om zich heen kijken. Vlak voordat de snelweg de rivier de Somme oversteekt, zie je links en rechts van de weg de groene velden. Met wat geluk ook een enkele klaproos. Een vrediger landschap is haast niet denkbaar. Maar vlak daaronder ligt een enorm litteken. In een klein gebied tussen de steden Albert, Bapaume en Péronne vielen in 1916 in totaal meer dan een miljoen slachtoffers; 450.000 Duitsers, 420.000 Britten en 200.000 Fransen lieten hier het leven. De Slag aan de Somme zou voor altijd de zinloosheid van oorlogvoeren moeten weerspiegelen. Een kleine eeuw en miljoenen slachtoffers verder weten wij helaas beter.

PS.

Voor wie meer wil lezen over de gruwelijkheden tijdens een van de meest zinloze slachtpartijen in de krijgsgeschiedenis is de Library and Archives Canada een mooie ingang.

PPS.

Twee beroemdheden die in de Slag aan de Somme vochten hebben beiden op hun eigen manier die gruwelijkheden verwerkt. Tolkien schreef ‘In de Ban van de Ring’ en Hitler stopte met schilderen. De rest is geschiedenis.

PPPS.

Niet ver hiervandaan sneuvelde een jaar eerder de winnaar van de Tour de France 1909, Francois Faber.

Andere nummers over de Eerste Wereldoorlog 

(PS. Ik heb alles versies van het gedicht ‘In Flanders Field’ achterwege gelaten, ook als er muziek onder is gezet):

Eric Bogle – The Band Played Waltzing Matilda (Gallipoli) Met dank aan @Robstolze

Eric Bogle – As if he knows (Australisch oorlogspaard Banjo). Met dank aan @RJKoopmans

Dirk Witte – Het wijnglas  Met dank aan @riekb

Naast de uitvoering hierboven zijn er ook nog uitvoeringen van:

The FureysDropkick MurphysLiam Clancy en Moke




Archief

Tweets


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.538 other followers